Mijn starter ruikt naar aceton. Is dat erg?
Nee, dit is vaak een teken dat je starter honger heeft. Geef hem opnieuw voeding en houd hetzelfde schema aan.
Een zuurdesemstarter maken kost vooral tijd, niet veel werk. Met meel, water en een beetje geduld maak je in ongeveer één tot twee weken je eigen natuurlijke starter.
Mijn eerste starter had geen lang leven, maar tijdens mijn tweede poging hield ik alles bij: wat ik zag, welke fouten ik maakte en wat uiteindelijk wél werkte. Die ervaringen heb ik verwerkt in deze uitgebreide handleiding.
Omdat er zoveel te vertellen is over het maken van een starter, heb ik een handige inhoudsopgave voor je gemaakt. Zo kun je makkelijk klikken naar het onderdeel waar je meer over wilt weten.
In het kort: een zuurdesemstarter is een mengsel van meel en water waarin van nature aanwezige gisten en melkzuurbacteriën zich ontwikkelen. Deze natuurlijke gisten zorgen ervoor dat je brood kan rijzen, waardoor je geen droge gist of verse gist meer nodig hebt.
Het mooie is dat je hiervoor maar twee ingrediënten nodig hebt: meel en water. De rest doet de natuur. Iedere dag geef je de starter nieuwe voeding en langzaam groeit er een actieve cultuur waarmee je de lekkerste zuurdesembroden kunt bakken.
Gemiddeld duurt het ongeveer één tot twee weken voordat een starter sterk genoeg is om mee te bakken. Bij de één gaat dat sneller, bij de ander juist wat langzamer. Dat heeft onder andere te maken met de temperatuur, het gebruikte meel en simpelweg een beetje geluk.
En misschien wel het belangrijkste om vooraf te weten: een zuurdesemstarter laat zich niet haasten. Geduld is echt een onderdeel van het recept.
Voordat je enthousiast meel en water gaat mengen, wil ik je eerst een paar dingen meegeven die mij onderweg ontzettend hebben geholpen.
PS: veel mensen geven hun starter een naam. Die van mij heet, als liefhebber van (true) crime series en films, Jane Dough. Vertel me vooral hoe jouw starter heet!
Het mooie van een zuurdesemstarter is dat je verrassend weinig nodig hebt. Dat maakt het ook makkelijk om te beginnen.
Ingrediënten
Verdere benodigdheden
Er bestaan ook handige zuurdesem kits waar alle benodigdheden in zitten. Deze zuurdesemstarter set heeft onder andere een glazen pot met temperatuursticker, dat vond ik zelf erg fijn bij het maken van mijn starter.
Als je ook gelijk alles in huis wilt hebben voor het maken van het brood is dit een fijne starterset voor zuurdesembrood.
TIP: Tijdens de wintermaanden bleek een warmhoudplaatje voor mij echt een uitkomst. Mijn keuken was simpelweg te koud om de starter goed op gang te houden. Sindsdien haal ik dat plaatje iedere winter weer tevoorschijn. Het is geen must overigens, zo’n plaatje maakt het proces vooral wat sneller.
Ik heb zelf roggemeel gebruikt voor het maken van mijn starter en ben daar later roggebloem aan toe gaan voegen. Vandaag de dag gebruik ik die twee nog steeds voor het voeren van mijn starter. Meestal een combinatie van de twee, maar soms ook alleen roggebloem.
In principe zou je ook met tarwebloem een starter kunnen maken, al zal het dan langer duren. Volkorenmeel is dan al een betere optie. Toch raad ik roggemeel (en/of roggebloem) aan. Hier zitten meer voedingsstoffen in waardoor een starter sneller op gang komt.
Roggemeel: Bevat veel voedingsstoffen, waardoor een starter vaak snel actief wordt. Een starter met alleen roggemeel blijft soms wat compacter, maar dat is heel normaal.
Roggebloem: Werkt vergelijkbaar met roggemeel en is daarom een goede keuze voor een zuurdesemstarter. Een starter met roggebloem wordt vaak wat luchtiger dan een starter met alleen roggemeel.
Tarwebloem: Ook geschikt voor een zuurdesemstarter, al duurt het vaak iets langer voordat deze goed op gang komt omdat er minder voedingsstoffen inzitten.
Volkorenmeel: Bevat veel voedingsstoffen, waardoor een starter meestal snel actief wordt. Hoewel rogge vaak nog iets sneller resultaat geeft, is volkorenmeel een uitstekend alternatief als je liever geen rogge gebruikt.
Mijn voorkeur: Zelf voer ik mijn starter meestal met een combinatie van roggemeel en roggebloem. Roggemeel houdt mijn starter mooi actief, terwijl roggebloem vaak voor een wat luchtigere structuur met kleinere luchtbelletjes zorgt. Daarom gebruik ik meestal iets meer roggebloem dan roggemeel.
Deze bakbijbel met ruim 150 recepten wil iedere thuisbakker in huis hebben. Ga aan de slag met een van de 40 basisrecepten, elk met twee variaties. Het zijn zowel tijdloze klassiekers als veel spiksplinternieuwe recepten. Daarnaast bevat dit boek recepten voor vullingen en toppings, maar ook handige baktips en bewaaradviezen zoals je van mij gewend bent.
Temperatuur is heel belangrijk bij zuurdesem. Zowel bij het maken van een starter als bij het bakken van brood heeft het invloed op hoeveel tijd een starter of deeg nodig heeft.
Ik begon mijn starter in de winter. Overdag was mijn keuken 19-20 °C, maar ’s nachts zakte de temperatuur naar ongeveer 15 °C. Ook dan kun je prima een starter maken, maar het proces duurt vaak wat langer. Uiteindelijk ben ik mijn starter op een warmhoudplaatje gaan zetten en merkte ik dat hij zich sneller ontwikkelde.
Mijn ervaring is:
Tip: Heb je geen warme plek in huis? Leg dan losjes een theedoek over de pot. Dat helpt vaak al om de temperatuur iets stabieler te houden. Mijn ultieme tip is een warmhoudplaatje. Die gebruik ik in de winter nog steeds als het in huis erg koud is.
Geen enkele zuurdesemstarter ontwikkelt zich precies hetzelfde. De één is na een week klaar om mee te bakken, terwijl een andere starter er twee of zelfs drie weken over doet. Zie de fases hieronder daarom vooral als houvast.
Als je starter eenmaal sterk genoeg is om mee te bakken, zijn er een paar punten waar je op moet letten. Je starter is klaar als hij:
Met bovenstaande omschrijving is je starter (ongeveer) op zijn hoogtepunt en klaar om te bakken. Je kunt vaak ook al prima bakken als je starter daar bijna is.
Is je starter al een beetje ingezakt? Dan is hij over zijn hoogtepunt heen. Je kunt er vaak nog prima mee bakken, maar voor de meeste voorspelbare resultaten gebruik ik hem zelf het liefst op of vlak vóór zijn hoogtepunt.
TIP: Veel mensen gebruiken de drijftest. Daarbij laat je een klein lepeltje starter in een glas water vallen. Blijft hij drijven, dan is dat een teken dat de starter voldoende lucht bevat. Persoonlijk gebruik ik die test eigenlijk nooit en vertrouw ik vooral op het gedrag van mijn starter. Na verloop van tijd leer je hem vanzelf kennen.
Om je een nog beter idee te geven heb ik mijn starter gefotografeerd van net na het voeren totdat hij klaar was om te bakken. Jouw starter zal zich misschien niet exact hetzelfde gedragen qua tijden, dat hangt af van onder andere de temperatuur.
Als je een voerschema hebt van elke 24 uur voeren, voer je op het moment dat je starter hongerig is en niet meer zo actief. Dat is niet het moment om te gaan bakken.
Na een 1:1:1 voeding is mijn eigen starter ongeveer na 3-5 uur (afhankelijk van de temperatuur in huis) op zijn hoogtepunt en klaar om mee te bakken.
Uiteindelijk leer je je starter beter kennen en kun je je starter prima in andere verhoudingen voeren om zo beter te plannen wanneer je starter op zijn hoogtepunt is. Zo voer ik mijn starter vaak in de avond om te zorgen dat hij ’s ochtends vroeg klaar is om te beginnen.
TIP: Starter die in de pot blijft zitten nadat je een deel hebt afgewogen voor je broodrecept, laat je hierin zitten en voer je op het moment dat je starter hongerig is. Ongeveer 24 uur nadat je hem hebt gevoerd.
Om je een idee te geven wat verhoudingen doen:
Zie deze tijden vooral als een richtlijn. De temperatuur in huis, de kracht van je starter en de gebruikte meelsoort hebben allemaal invloed op hoe snel je starter actief wordt. Naarmate je vaker bakt, leer je steeds beter herkennen wanneer jouw starter klaar is om mee te bakken.
In het begin voer je je starter dagelijks, maar als het eenmaal een sterke starter is wordt het makkelijker.
Ik bewaar mijn starter afgedekt in de koelkast en geef hem ongeveer één keer per 2-3 weken nieuwe voeding als ik weer iets wil bakken. Dan haal ik hem één of twee dagen van tevoren uit de koelkast, voed ik hem opnieuw en wacht tot hij weer mooi actief is.
Ik zet mijn starter in de koelkast als hij na een voeding goed actief is, maar nog nét niet zijn hoogtepunt heeft bereikt. Zo gaat hij sterk de koelkast in en blijft hij mooi actief.
Tijdens het voeden houd je steeds een deel van de starter over. Dat noemen we discard, het overblijfsel na het voeren.
Tijdens de eerste dagen van een nieuwe starter kun je de discard het beste weggooien. De starter is dan nog niet stabiel genoeg om ermee te bakken. Daarna is er voldoende activiteit en kun je de discard goed bewaren. Doe het in een bakje en zet in de koelkast.
Je kunt het gebruiken in allerlei recepten. Mijn favoriet is zuurdesemcrackers waarvan ik het recept zeer binnenkort met je deel. Maar je kunt er ook wafels, pancakes en nog veel meer mee bakken.
Bewaar discard ongeveer één tot twee weken in een afgesloten bakje in de koelkast.
Ik vind het niet erg om wat discard te hebben na een paar dagen voeren omdat ik graag mijn crackers maak. Maar je kunt ook prima plannen om te zorgen dat je zo min mogelijk discard hebt.
Heb je 100 gram actieve starter nodig voor een recept? Voer dan bijvoorbeeld 40 gram starter met 40 gram water en 40 gram meel (1:1:1). Zo heb je in totaal 120 gram starter: 100 gram voor je recept en 20 gram om opnieuw te voeren of in de koelkast te bewaren voor een volgende keer.
Je hebt verrassend weinig starter nodig om opnieuw te voeren. Ik heb mijn starter weleens gevoerd terwijl er nog maar ongeveer een theelepel in de pot zat. Met een verhouding van 1:10:10 groeide hij zonder problemen weer uit tot een mooie hoeveelheid.
Nee, dit is vaak een teken dat je starter honger heeft. Geef hem opnieuw voeding en houd hetzelfde schema aan.
Controleer eerst de temperatuur. Een koude omgeving is één van de meest voorkomende oorzaken van een langzaam werkende starter. Blijf daarnaast consequent voeren en geef hem vooral de tijd. Sommige starters hebben nu eenmaal twee tot drie weken nodig voordat ze sterk genoeg zijn.
Dat betekent meestal dat hij zijn voeding heeft opgebruikt. Dit is een normaal onderdeel van het fermentatieproces.
Roze, oranje, groene of harige schimmel betekent helaas dat je de starter moet weggooien. Een donkere vloeistof of een donker, uitgedroogd laagje na langere tijd in de koelkast is meestal geen schimmel en hoeft dus niet te betekenen dat je starter verloren is.
Geen paniek, in de meeste gevallen kun je hem gewoon weer oppakken door opnieuw volgens je normale schema te voeren.
Misschien wel de belangrijkste les die ik heb geleerd, is dat een zuurdesemstarter veel sterker is dan je denkt. Laat je dus niet uit het veld slaan als hij een keer minder actief is of zich anders gedraagt dan verwacht. Met geduld, regelmaat en de juiste voeding komt een gezonde starter meestal vanzelf weer op gang.
Als je starter klaar is, kun je aan de slag met dit recept voor zuurdesembrood.
Zin in verkoeling op een warme dag? Deze zelfgemaakte citroen ijsjes zijn fris, zuur en zoet tegelijk en zijn daarom onweerstaanbaar lekker. Met dit makkelijke recept maak je met maar drie ingrediënten de lekkerste citroen waterijsjes.
Waterijsjes zijn de perfecte manier om lekker af te koelen tijdens de warme zomermaanden. Deze frisse citroen ijsjes heb je zo gemaakt en zijn waarschijnlijk ook snel weer op!
Het fijne aan citroen ijsjes maken is dat het eigenlijk niet kan mislukken. Je maakt eerst een simpele suikersiroop en daar voeg je vers citroensap aan toe. Klaar ben je!
Je kunt naar smaak spelen met de hoeveelheid water en citroensap. De een houdt van een iets zuurder ijsje dan de ander. De verhoudingen in het recept zijn getest door een uitgebreid testpanel van verschillende leeftijden. 😉
Er zijn twee goede trucs om zoveel mogelijk sap uit je citroen te krijgen. De eerste truc is om de citroen over het aanrecht te rollen tot de schil soepel aanvoelt. Daardoor laat de citroen meer sap los.
De tweede truc is heel praktisch: gebruik een goede pers. Ik vind deze handpers onmisbaar in de keuken.
BAKTIP: De ijsjesvorm die ik voor deze ijsjes gebruik is afkomstig uit mijn meest recente Laura’s Bakery bakproductencollectie, maar de ijsjes kunnen in elke ijslollyvorm gemaakt worden.
Zelfgemaakte ijsjes zijn ideaal om op voorraad te hebben in de vriezer.
Luchtdicht verpakt blijven de ijsjes maximaal drie maanden goed in de vriezer.
Als de citroen waterijsjes zes uur na het maken volledig zijn bevroren, kun je ze uit de vorm halen (zodat je de vorm opnieuw kunt gebruiken). Je kunt de ijsjes bij elkaar in een diepvrieszak bewaren of per stuk in boterhamzakjes verpakken.
Waterijsjes met fruit zijn vaak verrassend makkelijk om te maken. Dat is reden genoeg om er lekker veel te maken en de vriezer vol te hebben als de zomer begint. Deze recepten voor fruitijsjes zijn het proberen waard:
In mijn verzameling ijs & drankjes recepten is nog veel meer verkoelende inspiratie te vinden.
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Ja, dat kan absoluut. Houd er wel rekening mee dat je een stuk meer limoenen nodig hebt voor 200 ml sap.
Met deze twee trucjes krijg je meer sap uit je citroenen:
Het witte gedeelte van de citroenschil is erg bitter. Als je de citroenen uitperst met een elektrische pers, zorg er dan voor dat je de pers niet te lang laat doordraaien op de schil.
Hier kun je mee experimenteren, maar door minder suiker te gebruiken worden de ijsjes wat harder en ijziger van structuur.
Dit makkelijke recept voor kersen crumble is alles wat je nodig hebt voor je etentjes deze zomer. Maak de knapperige kruimellaag en warme kersenvulling af met een bolletje ijs!
Crumble is zo’n tijdloze klassieker waar je eindeloos mee kunt blijven variëren. Door seizoensfruit te gebruiken, kun je het elke maand maken en toch steeds weer een ander toetje eten.
Het maken van een goede kersen crumble draait om balans. De warme kersenvulling moet sappig zijn, maar niet te nat. Daarom voeg je maïzena toe voor binding.
Aan het kruimeldeeg heb ik fijngehakte hazelnoten toegevoegd voor extra knapperigheid. Dat geeft niet alleen een lekkere structuur, maar ook een heerlijke smaak.
BAKTIP: Mocht het ontpitten je tegenhouden om verse kersen te gebruiken: met een kersenontpitter gaat dit heel makkelijk! Je kunt kersen ook ontpitten met een mesje of rietje. Zorg er altijd voor dat je dit boven de wasbak doet met een schort om, want het kan spetteren.
Crumble is perfect om in grotere hoeveelheden te bereiden. Het is het allerlekkerst om direct uit de oven te eten, maar het laat zich ook goed bewaren.
Dek de crumble af met folie en bewaar maximaal 3 dagen in de koelkast. Warm de crumble het liefst weer even op voordat je het opnieuw serveert.
Luchtdicht afgesloten kun je de crumble tot 3 maanden invriezen. Door het ontdooien zal de crumblelaag knapperigheid verliezen. Warm je de crumble opnieuw op, dan wordt de kruimellaag weer wat knapperiger.
Verwarm de crumble ongeveer 10 minuten in een voorverwarmde oven op 180 °C (boven- en onderwarmte).
Verse, warme crumble uit de oven valt altijd in de smaak! Varieer erop los met deze crumble recepten:
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Ik heb verse kersen gebruikt en je kunt alle kersenrassen gebruiken. De ene soort is iets zoeter of zuurder dan de andere.
Ik gebruik deze ovenschaal van ongeveer 20 x 20 cm. Je kunt deze crumble ook in zes losse ramekins maken.
Dat kan zeker. Het is zowel koud als warm erg lekker. Ik warm het zelf altijd graag op, zeker als het uit de koelkast komt. Door de crumble opnieuw op te warmen, wordt de kruimellaag weer wat knapperiger.
Zeker! Ik raad aan om de crumble alvast te bakken als je het een dag eerder wil voorbereiden. Warm het vlak voor het serveren weer even op en schep er eventueel een bolletje ijs bij. Heerlijk!
Zelf jamkoekjes maken? Met dit makkelijke recept bak je de knapperige koekjes met een heerlijke vulling van jam in een smaak naar keuze.
Dit recept is genoeg om 22 sandwich koekjes met jam te maken. Dat zijn er veel te veel om zelf om te eten, dus ik maak ze graag als ik visite krijg:
Deze jamkoekjes zijn gemaakt met de suikerkoekjes als basisrecept. Dit is het ideale recept als je koekuitstekers gebruikt, omdat dit deeg niet uitloopt in de oven en de koekjes dus mooi hun vorm behouden.
Voor het beste effect laat je het deeg goed rusten in de koelkast. Daardoor worden de koekjes lekker knapperig en kun je ze makkelijker uitsteken.
Als vulling kies je natuurlijk jouw favoriete smaak jam. Deze kun je kopen, maar misschien heb je nog wel een pot zelfgemaakte jam in de voorraadkast staan:
BAKTIP! De uitstekers komen uit de meest recente Laura’s Bakery bakproducten collectie, met fruit als thema.
Je kunt koekjes het beste bewaren in een afgesloten (metalen) koektrommel. Zonder vulling blijven ze op die manier ongeveer 4 tot 6 weken goed.
Je kunt de koekjes met jamvulling maximaal twee weken in een trommel bewaren, maar de koekjes zullen al snel zacht worden. Ik adviseer om ze zo kort mogelijk voor het serveren met jam te vullen.
Nee, dit kun je beter niet doen. Door het ontdooien zullen de koekjes vanwege de jamvulling heel erg zacht worden.
Koekjes zonder jam kun je wel goed invriezen. Verpak ze luchtdicht en bewaar ze zo ongeveer 3 maanden in de vriezer.
Je kunt allerlei koekjes met jam vullen, maar de mogelijkheden voor koekjes met vulling zijn eindeloos! Van echte klassiekers, tot koekjes met een moderne twist:
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Liever niet. De voordelen van het rusten van koekjesdeeg:
Bestuif je werkblad licht met bloem en je deegroller ook, dan zou je hier weinig last van moeten hebben. Bestuif opnieuw met bloem indien nodig.
Elke zoete fruitjam is geschikt, kies de smaken die jij het lekkerst vindt.
Ja, je kunt de koekjes ook vullen met bijvoorbeeld Speculoospasta of chocoladepasta.
Zeker weten! Eigenlijk kun je allerlei smaken meegeven aan het basisrecept voor suikerkoekjes. Kijk maar eens naar deze basisrecepten:
Een makkelijk recept voor kersencake met een swirl van kersenjam, verse kersen en een knapperige topping van amandelen. Perfect voor bij de koffie als zomerse traktatie of een leuke manier om kersen in een baksel te verwerken.
Je denkt misschien niet direct aan het bakken van een cake als je verse kersen in huis hebt gehaald, maar toch kan ik je aanraden deze kersencake echt te proberen:
Het is zo’n cake die je steeds weer opnieuw maakt als je ‘m eenmaal hebt geproefd. Precies het soort recept dat thuishoort in je vaste bakrepertoire.
Bij deze kersencake koos ik voor een ronde springvorm, zodat de kersen en kersenjam nog mooier zichtbaar zijn. Een reguliere cakevorm kan uiteraard ook gebruikt worden, houd wel rekening met de baktijd.
De grof gehakte amandelen zorgen voor een krokante topping, wat heel goed samengaat met de zachte en luchtige structuur van de cake.
BAKTIP: Mocht het ontpitten je tegenhouden om verse kersen te gebruiken: met een kersenontpitter gaat dit heel makkelijk! Je kunt kersen ook ontpitten met een mesje of rietje. Zorg er altijd voor dat je dit in een wasbak doet met een schort om, want het kan spetteren.
Normaliter is cake wel een week te bewaren, maar vanwege het verse fruit is deze cake met kersen korter houdbaar. Bewaren in de koelkast raad ik af, omdat cake daar uitdroogt.
Op een donkere en koele plek (buiten de koelkast) blijft deze cake 2-3 dagen goed. Verpak de cake in folie of een luchtdicht bakje.
Ja, je kunt deze kersencake invriezen. Verpak de cake (of losse stukken) luchtdicht en vries maximaal 3 maanden in. Laat op kamertemperatuur ontdooien voor het beste resultaat.
Als je eenmaal de smaak te pakken hebt met het bakken met kersen, dan heb ik nog voldoende lekkere kersen recepten voor je klaarstaan.
Of het nu vroeg of laat is in het kersenseizoen, dat maakt niks uit. Je kunt alle soorten kersen gebruiken voor deze heerlijke recepten:
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Ja, dat kan. Laat ze eerst goed ontdooien en dep ze droog voordat je ze over het beslag verdeelt. Mijn voorkeur gaat overigens wel echt uit naar verse kersen.
Dat kan zeker. Je kunt de kersen dan iets kleiner snijden, door wat bloem wentelen en vervolgens door het beslag spatelen.
In principe kunnen ze achterwege worden gelaten, maar je kunt ook andere noten gebruiken. Grove suikerparels of rietsuiker is ook lekker als topping.
Ja, dit werkt perfect voor deze cakevorm. Hou wel rekening met een langere baktijd (10-15 minuten langer) en houd dit in de gaten door de gaarheid te testen met een caketester of satéprikker.
Ja hoor, dit kan. Er gaat dan wel wat smaak verloren, dus eventueel kun je dan wat extra kersen toevoegen.
Kersenjam maken is één van de beste manieren om het kersenseizoen te verlengen. Met slechts drie ingrediënten maak je een heerlijke zoete jam, die je de rest van het jaar in baksels, yoghurt of als vulling in baksels kunt gebruiken.
Van zelfgemaakte jam heb je lang plezier. Daarnaast gaat je keuken er ook echt heerlijk van ruiken, maar dat zijn niet de enige redenen om zelf kersenjam te maken:
Het kersenseizoen begint in juni en eindigt in augustus. In die periode probeer ik volop te genieten van dit heerlijke rode fruit, waarvan je de lekkerste kersenjam kunt maken.
Technisch gezien kun je de kersen met pit en al koken, waarna je ze door een zeef haalt. De pitten blijven achter in de zeef, maar ook een deel van het vruchtvlees. Met als resultaat een gladde jam en verspilling van een (groot) deel van de kersen. Zonde, als je het mij vraagt!
Ik raad het daarom af om de kersen niet te ontpitten. Het is een simpel klusje waarmee je echt zo klaar bent.
BAKTIP! Mijn advies is om de kersen vooraf te ontpitten, wat verrassend snel gaat met een kersenontpitter.
Als je de jam in gesteriliseerde potten bewaart, kun je het op een donkere en koele plek maximaal een jaar bewaren. Lees over de drie methodes waarop je jampotten kunt steriliseren in mijn artikel over het steriliseren van potten en flessen.
Na het vullen en afkoelen maak je de jampotten schoon en plak je er een etiket op met de bereidingsdatum. Ik gebruik zelf vaak deze lettertang of als ik weinig tijd heb deze labelprinter.
Eenmaal geopend is de kersenjam tot ongeveer een maand in de koelkast te bewaren. De exacte bewaartijd afhankelijk van hoe hygiënisch je werkt. Gebruik bijvoorbeeld altijd een schoon mes of lepeltje in de pot en beperk zo het ontstaan van schimmels.
In de vriezer blijft kersenjam maximaal 3 maanden goed. Dit is een goede methode als je zo min mogelijk suiker wil toevoegen aan de jam. Vries de jam in kleine porties in, zodat je het niet te lang hoeft te bewaren in de koelkast na het ontdooien.
Nog lang niet uitgebakken met kersen? Met deze recepten kun je nog wel even vooruit:
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
In dit geval kun je het beste geleipoeder in combinatie met gewone kristalsuiker (of een zoetstof) gebruiken. Hiervoor kun je het beste de instructies op de verpakking volgen, aangezien ik dit zelf niet hebt getest.
Waarschijnlijk moet het nog langer inkoken, of je hebt een weegfout gemaakt. Met deze truc kun je controleren of je jam klaar is, dankzij de geleisuiker:
Ga met een lepel door de jam en trek een streep over de bolle kant van de lepel. Blijft de streep zichtbaar? Dan is je jam klaar. Loopt de jam direct over de getrokken streep heen? Dan mag deze nog wat verder ingekookt worden.
Ja, dat kan. Laat ze eerst volledig ontdooien voordat je de jam gaat maken.
Ja, je kunt andere soorten fruit of kruiden toevoegen tijdens het maken van de jam. Let er wel op dat het fruit en de hoeveelheid geleisuiker in balans blijft.
Wij luiden de zomer in met deze nieuwe Laura’s Bakery bakproductencollectie vol fruitige items! Vanaf volgende week dinsdag ligt deze collectie bij Kruidvat in de winkel en daar vertel ik je alles over.
Deze nieuwe collectie is gevuld met zomerse producten en keuken accessoires in fruit thema, waaronder de vrolijke vorkjes en ijsjesvorm.
Op de speciale bakproducten pagina vind je een helder overzicht van alle losse producten, met bij elk product bijpassende recept inspiratie zodat je direct met jouw nieuwe bakspullen aan de slag kan
Dat deze collectie zomers is, dat zie je meteen! Perziken en kersjes komen op meerdere producten terug, van de spatelpot tot bordjes. En vergeet de vorkjes en lepeltjes niet!
Ook de ijsjesmal is in fruitthema, want in de zomer moet de vriezer natuurlijk gevuld zijn met de lekkerste zelfgemaakte ijsjes. Oh en die spatelpot: die doet het ook erg goed als vaas met een bos mooie bloemen!
Met de fruitige set koekuitstekers kun je leuke sandwichkoekjes maken, met bijvoorbeeld jam ertussen.
Je vindt de nieuwe Laura’s Bakery bakproducten vanaf dinsdag 9 juni in de winkels bij Kruidvat (zowel in Nederland als in België).
Maar een kleine tip van mij: houd vooral het Kruidvat filiaal bij jou in de buurt in de gaten, want soms liggen de producten al eerder in de schappen. En wees er snel bij, want op is ook écht op.
Ik zet alle producten van de Laura’s Bakery bakproductencollectie bij Kruidvat juni 2026 voor je op een rij:
Bij Kruidvat België ligt alleen de spatelpot niet in de winkels, de rest is daar wel verkrijgbaar. Ook hier geldt op = op!
Wil jij volgende week direct aan de slag als je de bakproducten hebt gescoord? Begrijpelijk!
Neem dan een kijkje op de bakproductenpagina met een overzicht van alle producten, inclusief mijn persoonlijke tips voor bijpassende recepten.
De folder gaat op dinsdag 9 juni in, maar houd ook de winkel bij jou in de buurt in de gaten. Het kan zijn dat het al wat eerder in de schappen ligt.
Ja, alleen de spatelpot niet.
Nee, de producten zijn niet online verkrijgbaar bij Kruidvat.
Nee, voor alle producten geldt op is ook echt op. Dus wees er snel bij.
Dit staat op de verpakking van de producten vermeld.
Ik ben ontzettend benieuwd naar alle prachtige baksels die ongetwijfeld gemaakt zullen worden met de nieuwe bakproducten. Dus deel je foto met mij of tag @laurasbakery op Instagram erin, dat vind ik heel erg leuk om te zien.
Het is vaak maar een snufje, maar het maakt zoveel verschil in je baksels. Ik heb het natuurlijk over zout. Van koekjes tot cake en vergeet je zelfgebakken brood niet: zout speelt een grotere rol dan je denkt.
Ik vertel je graag meer over dit belangrijke ingrediënt én over mijn bezoek aan de zoutvelden van Aigues Mortes in Frankrijk, waar ik was toen de Fleur de sel werd geoogst.
Zout is een natuurlijk mineraal dat bijna volledig bestaat uit natriumchloride. Het wordt gewonnen uit zeewater of uit ondergrondse zoutlagen. Die zoutlagen (of mijnen) zijn opgedroogde prehistorische zeeën.
Fun fact: Eén liter zeewater bevat gemiddeld 27 tot 29 gram zout
Op uitnodiging van Groupe Salins (je kent ze vast van het zoutmerk La Baleine en Le Saunier de Camargue) ging ik afgelopen zomer naar Aigues Mortes in het Zuiden van Frankrijk. Hier werd door de Romeinen al zout gewonnen, en dat gebeurt nu nog steeds.
In Aigues Mortes vind je een unieke combinatie van factoren die perfect zijn om zout te winnen: stevige vlakke bodem, veel zon, warme wind en weinig regen. Het roze water en de talloze flamingo’s maakten er een prachtig plaatje van.
Het viel meteen op zodra we bij de zoutvelden aankwamen: de bijzondere roze kleur van het water. Die kleur ontstaat door een eencellige alg, die goed gedijt in het zoute water en een rode kleurstof bevat.
Deze alg vormt weer voedsel voor kleine kreeftjes, die op hun beurt worden gegeten door flamingo’s. Zo krijgen ook de flamingo’s hun kenmerkende roze kleur.
Ik ben altijd dol op een kijkje achter de schermen, maar ik had van tevoren niet verwacht dat ik zo enthousiast kon worden over zout en alles daaromheen. Je kunt deze zoutvelden zelf trouwens ook bezoeken als je wilt, er worden rondleidingen gegeven.
Fleur de sel is de bovenste, dunne laag zout die zich vormt op het wateroppervlak van zoutpannen. Deze wordt met de hand geoogst door de sauniers.
De smaak is subtieler en complexer dan gewoon zout. Daardoor is het perfect als finishing touch, bijvoorbeeld op koekjes of karamel in de zoete keuken. Maar het kan bij ieder gerecht toegevoegd worden.
Fun fact: Fleur is oud Frans voor ‘oppervlakte’, fleur de sel betekent dus oppervlaktezout.
De oogst begint tussen half en eind juli, dan hebben de sauniers 4-6 weken de tijd om alle fleur de sel te oogsten. Dat is hard werken! Ze beginnen al vroeg in de ochtend omdat het dan nog wat koeler is en ze werken door in de volle zon tot begin van de middag.
Het proces verloopt in vier fases, die volledig afhankelijk zijn van zon, wind en tijd:
Deze bakbijbel met ruim 150 recepten wil iedere thuisbakker in huis hebben. Ga aan de slag met een van de 40 basisrecepten, elk met twee variaties. Het zijn zowel tijdloze klassiekers als veel spiksplinternieuwe recepten. Daarnaast bevat dit boek recepten voor vullingen en toppings, maar ook handige baktips en bewaaradviezen zoals je van mij gewend bent.
Zout is veel meer dan alleen een smaakmaker. In veel recepten zul je ook echt merken wanneer je het bent vergeten. Het heeft meerdere functies in je baksel.
Misschien voelt het gek om zout toe te voegen aan iets zoets, maar geloof mij maar dat het met een reden wordt toegevoegd.
Zout zorgt voor balans en daar is niet veel voor nodig. Het versterkt zoete smaken en geeft meer diepte aan een recept. Zonder zout kan een cake of koekje vlak of te zoet smaken bijvoorbeeld.
Je proeft het zout niet gelijk terug, maar je mist het wel als het er niet in zit. En dan heb je ook nog combinaties waar je zout juist wel proeft. Denk maar aan combinaties zoals chocolade met zeezout of karamel met een snufje zout. De smaken versterken elkaar.
Er zijn veel soorten zout, ik beperk me voor nu tot de soorten die je het meest gebruikt in de (zoete) keuken:
Zout kan subtiel zijn, maar soms ook echt de hoofdrol spelen. Denk bijvoorbeeld aan salted caramel. Maak zelf een gezouten karamelsaus door een flinke snuf zout naar smaak toe te voegen aan het recept.
Ook lekker: chocolade koekjes met zoutvlokken, ik heb gesmuld van de koeken. Chocolade, karamel en zeezout zijn een goede combinatie als je het mij vraagt. Het is ook erg lekker om wat fleur de sel over versgebakken chocolate chip cookies te strooien.
Ik zou nog lang door kunnen gaan met het schrijven over zout, ik ben geïnspireerd geraakt door dit ingrediënt tijdens mijn trip naar Aigues Mortes. Ik wist wel dat zout belangrijk was in de keuken, maar er is zoveel meer over te vertellen dan je zou denken.
Tot slot mijn belangrijkste tip voor als het nog niet duidelijk was: nooit die snuf zout uit een recept overslaan! 😉
Ik was uitgenodigd voor de reis naar Aigues Mortes door Groupe Salins. Deze publicatie is op mijn eigen initiatief.
Deze havermout pancakes met banaan komen uit Het complete basisbakboek en zijn het perfecte ontbijt. Ze zijn heerlijk zacht en luchtig en door de toevoeging van een scheut karamelsaus als topping heb je direct een feestelijk ontbijt.
Pancakes, ik kan ze eigenlijk op elk moment van de dag eten. Je maakt het beslag in één kom en een paar kleine klontjes zijn geen ramp. Daar proef je uiteindelijk niks meer van. Enkele tips voor het serveren van deze pancakes:
Deze havermout pancakes zijn een variatie op de klassieke American pancakes. In plaats van alleen bloem wordt er ook havermout en banaan toegevoegd aan het beslag. Dit zorgt voor net wat meer structuur en een vollere smaak.
De banaan geeft niet alleen een natuurlijke zoetheid aan de havermout pannenkoeken, het zorgt ook voor extra smeuïgheid.
Daar kun je nog een schepje bovenop doen door de karamelsaus toe te voegen, maar ook zonder de saus smaken ze heerlijk.
Het recept voor deze havermout pannenkoeken met banaan komt uit Het complete basisbakboek. In deze Laura’s Bakery bakbijbel deel ik (naast 32 recepten voor vullingen en toppings) 40 basisrecepten en op elk van deze recepten twee variaties.
Met in dit geval de American pancakes als basis en deze havermout pancakes en speculoos pancakes als variatierecepten.
Op deze manier laat ik thuisbakkers zien hoe makkelijk je kunt variëren aan de hand van een simpel basisrecept.
BAKTIP! Het liefst gebruik ik een pannenkoekenpan om de pancakes in te bakken. Hierin bak ik drie pancakes tegelijk.
Vaak bak ik een flinke hoeveelheid pancakes zodat ik er nog een paar dagen van kan genieten. Kleine moeite om wat meer beslag te maken (en te bakken) en gelukkig laten de pancakes zich goed bewaren.
Verpakt in folie blijven ze in de koelkast 2-3 dagen goed.
In de vriezer kun je ze maximaal drie maanden bewaren. Verpak ze luchtdicht, liefst met een stukje bakpapier ertussen zodat ze niet aan elkaar plakken.
Als je pancakes uit de koelkast of vriezer komen, dan raad ik aan om ze eerst even op te warmen voor het lekkerste effect.
Dit kan in de magnetron, hoewel ze daar wel een beetje slap van worden. Je kunt ze ook kort in de koekenpan opwarmen, dan is het net alsof je ze vers gebakken hebt.
Kun je ooit genoeg pancake recepten hebben? Ik denk het niet, daarom blijf ik ook maar nieuwe smaken bedenken. Enkele van mijn favorieten zijn:
TIP! Voor eindeloze pancake inspiratie kun je het beste in mijn verzameling met pancake recepten kijken.
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Dit recept is daar niet op afgestemd, kijk eens naar mijn volkoren pancakes recept of naar mijn glutenvrije pancakes.
Dat raad ik af in verband met de werking van de rijsmiddelen. In dat geval kun je beter de pancakes al volledig voorbereid en bakken, want het bakken kost relatief het meeste tijd.
Ja, dat hoort zo. Het is heel ander beslag dan van de (platte) Nederlandse pannenkoeken.
Ja, je kunt dit vervangen door bijvoorbeeld plantaardige melkalternatieven, maar ook door karnemelk.
Zodra er belletjes aan de bovenkant ontstaan en je ziet dat het oppervlak iets droger wordt.
Ben je op zoek naar een lekker en makkelijk quiche recept? In dit artikel deel ik 13 heerlijke quiche recepten: van een klassieke quiche lorraine tot een vegetarische variant met spinazie of geitenkaas. Voor ieder wat wils en perfect voor lunch, diner of een gezellige brunch.
Een quiche smaakt perfect als deze vers uit de oven komt, maar twee dagen later is ‘ie (eventjes opgewarmd) zeker zo lekker. Maar ik kan nog veel meer redenen noemen waarom quiche maken altijd een goed idee is:
Een quiche is een van oorsprong Franse, hartige taart met een knapperige bodem, een romige vulling op basis van eieren en room en meestal een toevoeging van kaas. Die combinatie zorgt voor de heerlijke zachte en toch ook krokante structuur waar quiche om bekend staat.
Hoewel beide hartige taarten zijn, zit het echte verschil in de bodem. Een quiche wordt altijd gemaakt met een hartig zanddeeg en de vulling op basis van eieren en room.
Een hartige taart is wat vrijer van karakter. Je kunt kiezen voor een zanddeegbodem, maar bladerdeeg wordt minstens zo vaak gebruikt. Ook hoeft de vulling niet per se gebaseerd te zijn op basis van een ei-roommengsel, maar kun je eindeloos variëren.
Quiche is voor mij enorm comfort food. Het is snel, het is makkelijk en je kunt het zowel koud als warm eten. Heerlijk op de dag zelf, maar ook erg lekker als restje de volgende dag.
En dan heb ik het nog niet eens over de eindeloze smaakcombinaties. Daarom zet ik mijn 13 favoriete quiche recepten voor je op een rij.
Met ruim 150 recepten organiseer jij voortaan borrels waar iedereen op afkomt. De recepten zijn opgedeeld in verschillende hoofdstukken zodat je makkelijk kunt kiezen tussen borrelhapjes die je met of zonder oven maakt. De sauzen, spreads en dips zijn natuurlijk ook van de partij in hun eigen hoofdstuk.
Soms heb je gewoon zin in een hartige klassieker, waar iedereen blij van wordt. Quiche met spekjes is zo’n gouden combinatie die altijd goed is.
De quiche lorraine is een goed voorbeeld, maar ook in een quiche met broccoli zijn de spekjes niet te versmaden.
Een vegetarische quiche kan ik bijna altijd wel maken met wat er nog in mijn koelkast te vinden is. Je kunt restjes groenten verwerken in een hartige taart voor een doordeweekse dag, maar als je zoekt naar een luxe vegetarische quiche dan is een quiche met asperges een aanrader.
Een geliefd ingrediënt voor quiches en hartige taarten is spinazie, daardoor is je quiche direct rijk aan vitamines. Zeker in combinatie met zoutige feta smaakt spinazie als een feestje, dus die kun je altijd met een gerust hart toevoegen.
Door de toevoeging van geitenkaas krijgt een quiche direct wat extra pit. Zeker de mini quiches met geitenkaas zijn perfect als borrelhap en ook een heerlijke toevoeging op een brunchtafel.
Ik gebruik meestal deze quichevorm met losse bodem.
Heb jij vaak een zompige bodem, ook al volg je het recept precies op? Probeer deze tips dan eens:
Elk recept heeft een bewaaradvies, dus kijk hier altijd eerst naar. Algemeen geldt het volgende:
Opwarmen doe je het beste in de oven in ongeveer 15-20 minuten op 180 °C (boven- en onderwarmte).
Een quiche die uit de vriezer laat je eerst volledig ontdooien en daarna warm je deze op.
Wil je een indrukwekkend dessert maken zonder uren in de keuken te staan? Met dit makkelijke eton mess recept zet je in een handomdraai een klassiek Engels toetje op tafel. Het is niet alleen eenvoudig, maar ook altijd een succes bij jong én oud.
Een geweldig zomers dessert, hoewel het ook vaak geserveerd wordt in de winter als afsluiting van het kerstdiner. Begrijpelijk, want het smaakt luxe en overdadig, terwijl het een bijzonder makkelijk recept is om te maken.
Eton mess is een traditioneel Engels dessert dat bestaat uit drie onderdelen: aardbeien, slagroom en meringue.
Deze onderdelen worden afgewisseld in een glaasje geschept, waardoor het rommelig oogt, zoals de naam “mess” al zegt. Het werd oorspronkelijk geserveerd op het Engelse Eton College tijdens jaarlijkse cricketwedstrijden.
Hoewel beide desserts uit Engeland komen en fruit met room combineren, zit het verschil vooral in de structuur en opbouw. Een trifle bestaat uit laagjes cake, (mascarpone)room en diverse soorten fruit. Het wordt in strakke lagen opgebouwd, vaak in een grote glazen dessertschaal, en oogt daardoor chique.
De laagjes van een Eton mess worden daarentegen juist speels opgebouwd en het bevat net even andere ingrediënten. Het wordt ook altijd in individuele dessertglaasjes geserveerd, als portie voor één persoon.
Eton mess is niet alleen een goed excuus om zelf meringues te bakken, maar ook een goede manier om overgebleven schuimpjes op te maken. Uiteraard kun je ook gekochte meringues gebruiken, dat werkt net zo goed.
En geloof me: de combinatie van knapperige meringue en zachte room is verslavend lekker.
BAKTIP! Voor een feestelijk effect serveer je het dessert in mooie glazen, maar inmaakglaasjes werken ook perfect.
Dit toetje is echt op z’n best als je het direct serveert. De onderdelen kun je prima één of meerdere dagen van tevoren voorbereiden.
Het bakken van de meringue, het opkloppen van de slagroom en het pureren van de aardbeien kan dus allemaal al eerder gedaan worden. Met die voorbereidingen staat het toetje in enkele tellen op tafel.
Een opgebouwde eton mess kun je (afgedekt) 1-2 dagen in de koelkast bewaren. Maar let op, de meringue verliest z’n knapperigheid en zal zacht worden door de room en het fruit.
De meringues kunnen al één tot twee weken van tevoren bereid worden (zie hiervoor de bewaartips in het meringue recept). De slagroom kan een dag van tevoren opgeklopt worden en afgedekt in de koelkast bewaard.
Nee, je kunt dit dessert beter niet invriezen.
Toetjes in glaasjes zijn ideaal als je een verzameling desserts wil maken: ze zien er feestelijk uit, zijn makkelijk in eenpersoonsporties te maken en je kunt eindeloos variëren in smaak en structuur.
Hieronder een paar recepten als voorbeeld:
Krijg je geen genoeg van toetjes in glaasjes? Bekijk dan mijn verzameling met verschillende toetjes in glaasjes.
Met ruim 150 recepten is dit dé Laura’s Bakery bakbijbel die iedere thuisbakker in huis wil hebben. Je leert de basis van het bakken aan de hand van 40 basisrecepten, met op elk basisrecept twee zalige variaties. Ook de nodige baktips komen aan bod en je wordt voorzien van de lekkerste recepten voor vullingen en toppings.
Dat kan, maar dan is het officieel geen eton mess meer. Vervang de meringue bijvoorbeeld door lange vingers of andere krokante koekjes.
Dat kan zeker! Er zijn veel verschillende manieren om meringue te maken of om er een smaakje aan te geven. Een aantal tips:
Persoonlijk vind ik een mix van rood fruit er erg lekker bij passen, maar ook met passievruchten heb ik al eens een heerlijke eton mess gemaakt.
Het kan, maar dit is altijd een stuk vochtiger dan vers fruit wat invloed heeft op de knapperigheid van de meringue. Het heeft qua smaak en structuur dus niet mijn voorkeur, maar het kan wel. Zorg er in dit geval voor dat je het goed laat ontdooien en het vocht afdept voor gebruik.
Dit makkelijke recept voor rabarber cheesecake moet iedereen eens proberen. Wat zo lekker is aan deze cheesecake met rabarber, is de combinatie tussen de romige cheesecake en de friszure rabarber. Ik laat je stap voor stap zien hoe je deze knaller van een taart maakt.
Ik heb het vaker gezegd: zodra rabarber in het seizoen is, moet je ervan genieten. Eén van de beste manieren om dat te doen, is door het te verwerken in dit toegankelijke en ontzettend lekkere rabarber cheesecake recept.
Het maken van deze rabarber cheesecake is niet moeilijk, maar het vraagt wel wat geduld. Binnen een half uur staat de cheesecake in de oven, waar de taart op lage temperatuur gaar bakt.
Het grote wachten begint daarna pas. Een cheesecake moet geleidelijk afkoelen en daarna nog enkele uren (of een hele nacht) opstijven in de koelkast.
Belangrijk dus om hier rekening mee te houden in je planning, maar je geduld zal beloond worden. De krokante koekbodem, romige cheesecakevulling en de friszure rabarber zijn een combinatie om van te smullen.
BAKTIP: Deze baked cheesecake maak je in een springvorm van 24 cm. Dit is zeker genoeg voor 12–16 personen, want een punt cheesecake vult behoorlijk.
Rabarber is officieel een groente, maar wordt in de keuken vooral gebruikt als fruit. Het heeft een frisse, zure smaak, waardoor het perfect past bij zoete baksels.
De lange stelen kunnen groen tot roze-rood gekleurd zijn, waaraan je de smaak al kunt afleiden. Hoe roder de steel, hoe zachter en zoeter de smaak.
Van rabarber kun je alleen de stelen eten, het blad is giftig. Ze zijn van april t/m juni in het seizoen en dus een echte voorjaarsgroente.
Voor iedere cheesecake geldt dat deze zich het beste laat bewaren zónder toppings. Houd je toppings (zoals slagroom, rabarber compote) altijd apart, tot je de taart serveert. Dat komt de smaak ten goede.
Rabarber cheesecake kan maximaal 3 dagen in de koelkast worden bewaard.
Zorg ervoor dat je cheesecake volledig is afgekoeld voordat je deze in de koelkast zet. Een warme cheesecake creëert condensvorming, met als gevolg o.a. een ‘natte’ bodem.
Ja, je kunt rabarber cheesecake (in z’n geheel of in puntjes) maximaal een maand in de vriezer bewaren. Verpakt de taart(punten) luchtdicht en zonder toppings.
Lees hier meer over in mijn artikel over het bewaren van cheesecake.
Dol op rabarber en wil je het in het seizoen in zoveel mogelijk recepten verwerken? Dan heb ik nog een paar lekkere tips voor je:
Bak het hele jaar door voor de feestdagen de lekkerste recepten. En zelfs buiten de feestdagen om kun je dit boek er perfect bij pakken. Van koekjes en brownies tot desserts en spectaculaire taarten. Voor ieder moment is er een geschikt recept.
Ja, het kan beiden. Bij het weglaten ervan maak je een klassieke cheesecake. Je kunt de rabarber compote ook vervangen, door bijvoorbeeld rabarberjam, een andere smaak jam of lemon curd.
Ja, dat hoort zo, mits de randen wel steviger aanvoelen. Het midden van de cheesecake wiebelt nog na het bakken, maar stijft op tijdens het afkoelen.
Op deze manier verklein je de kans dat er tijdens het afkoelen een scheur in de bovenkant van je cheesecake ontstaat.
Dat kan zeker. Je kunt de Digestives biscuits bijvoorbeeld vervangen door Bastogne koeken, kokos-, haver- of volkoren biscuits.
Gebruik altijd een springvorm met een losse bodem. Deze vorm vet je in en bekleed je met bakpapier (het liefst niet alleen de bodem, maar ook de randen). Op deze manier kun je na het bakken, afkoelen en opstijven de springvorm voorzichtig verwijderen.