Rijstepap maken
Het fijne aan zelf rijstepap maken is dat het nauwelijks werk kost. Alles gaat in één pan en vervolgens is het vooral een kwestie van rustig laten koken en regelmatig roeren.
Tijdens het koken neemt de dessertrijst steeds meer melk op en wordt de rijstepap vanzelf dikker. Houd het vuur laag en roer goed over de bodem van de pan, zodat de rijst niet aanbrandt.
Na ongeveer 12 tot 15 minuten kun je proeven of de rijstkorrels zacht genoeg zijn. Zijn ze nog wat stevig, laat de rijstepap dan gewoon iets langer koken. Houd er rekening mee dat de pap tijdens het afkoelen nog verder indikt.
Ik eet hem het liefst warm met grove kaneelsuiker. Gewone kaneelsuiker, een beetje kaneel, vers fruit, jam of compote zijn ook lekkere toppings.
Deze ingrediënten heb je nodig
- Dessertrijst: voor dit recept gebruik ik dessertrijst. Hiermee krijg je in korte tijd zachte rijstkorrels en een lekker romige rijstepap.
- Melk: ik heb dit recept gemaakt met halfvolle melk. Volle melk kan ook en geeft een wat vollere smaak. Met magere melk kun je de rijstepap eveneens maken.
- Suiker: hoe zoet je de rijstepap maakt, bepaal je helemaal zelf. Ik gebruik meestal 4 eetlepels, omdat ik hem graag wat zoeter eet. Begin met 2 of 3 eetlepels als je liever een minder zoete rijstepap maakt.
- Vanillestokje: het merg geeft de rijstepap een heerlijke vanillesmaak. Je kunt het lege stokje mee laten koken, maar zelf doe ik dat niet. Ik stop het na gebruik in mijn pot met zelfgemaakte vanillesuiker.
- Zout
- Kaneelsuiker: zelf gebruik ik het liefst grove kaneelsuiker. Gewone kaneelsuiker werkt natuurlijk net zo goed.