Mix de boter en poedersuiker romig. Voeg de bloem en het zout toe en kneed tot een stevig koekjesdeeg.
Deel het deeg in twee delen. Door het ene deel kneed je het cacaopoeder en vanille-extract. Door het andere deel kneed je het amandel aroma en de stukjes amandelen.
Maak een bal van beide delen, wikkel in vershoudfolie en leg een uur te rusten in de koelkast voordat je verder gaat.
Eenmaal afgekoeld bestuif je je werkblad met bloem en rol je beide ballen deeg uit tot ongeveer 2 - 2,5 millimeter dikte. De plakken moeten ongeveer even groot zijn.
Je gaat de plakken deeg nu op elkaar leggen, als er een verschil in grootte is dan leg je de kleinste plak op de grootste plak. Rol het voorzichtig op en leg opnieuw een uur te rusten in de koelkast.
Snijd de rol deeg na het rusten in plakken van 5 mm. Leg de koekjes op een met bakpapier beklede bakplaat.
Bak de koekjes in 14 minuten op 175 °C (boven- en onderwarmte) gaar, of tot de randjes goudbruin zijn.
Tips
Om de lekkerste koekjes te bakken is het belangrijk dat je koekdeeg laat rusten in de koelkast. In dit recept doen we dat zelfs twee keer, omdat het er ook voor zorgt dat het deeg stevig wordt en in vorm blijft tijdens het snijden en afbakken.