suiker smelten 1a

Ik heb zelf ooit een suikerthermometer aangeschaft nadat ik merkte dat ik mij liet tegenhouden door recepten waarbij ik deze nodig had. Ik vind het gewoon prettiger om de exacte temperatuur te weten zodat ik precies weet wanneer ik actie moet ondernemen. Toch kun je het meeste ook prima zonder deze thermometer doen. Als je suiker gaat karamelliseren gaat de suiker namelijk van stadium naar stadium. Bij elk stadia horen bepaalde temperaturen, die stadia herken je weer aan bepaalde kenmerken in de ‘koud water test’. Zo kun je vrij eenvoudig controleren hoe heet jouw suiker op dat moment ongeveer is zonder suikerthermometer.

En mocht je na onderstaand overzicht nou denken: ‘Doe mij die suikerthermometer maar’, begrijp ik volkomen. Ik heb zelf deze suikerthermometer in huis en gebruik hem inmiddels al jaren, fantastisch ding.

De verschillende stadia van suikersiroop

Draad stadium

  • Temperatuur: 230 – 235 Fahrenheit | 106 – 112 graden Celsius
  • Zo is het goed: Haal met een lepel wat uit de pan en giet dit op een bord, de suiker zal een dunne draad vormen terwijl het van de lepel afloopt
  • Wordt gebruikt voor: bindmiddel in jams en compote

Zachte bal stadium

  • Temperatuur: 235 – 240 Fahrenheit | 112 – 116 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een balletje dat zijn vorm niet behoudt wanneer je het tussen vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: fudge, fondant, etc.

Stevige bal stadium

  • Temperatuur: 245 – 250 Fahrenheit | 118 – 120 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een balletje dat zijn vorm wel behoudt maar nog plakkerig aanvoelt wanneer je het tussen je vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: karamel

Harde bal stadium

  • Temperatuur: 250 – 265 Fahrenheit | 121 – 130 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een stevig balletje dat nog wel een beetje te vormen is wanneer je het tussen je vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: marshmallows

Zachte kraak stadium

  • Temperatuur: 270 – 290 Fahrenheit | 132 – 143 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, trek het voorzichtig uit elkaar met je vingers. Het worden dan zachte, broze breekbare draden
  • Wordt gebruikt voor: butterscotch, toffee

Harde kraak stadium

  • Temperatuur: 300 – 310 Fahrenheit | 149 – 154 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, trek het voorzichtig uit elkaar met je vingers. Het worden dan harde breekbare draden
  • Wordt gebruikt voor: peanut brittle (karamelreep met pinda’s)

Lichte karamel stadium

  • Temperatuur: 320 – 335 Fahrenheit | 160 – 170 graden Celsius
  • Zo is het goed: Wanneer je het op een wit bord giet heeft het de kleur van honing.
  • Wordt gebruikt voor: glazuur, coating

Donkere karamel stadium

  • Temperatuur: 350 Fahrenheit | 177 graden Celsius
  • Zo is het goed: Wanneer je het op een bord giet heeft het een geelbruine diep rode kleur. Ga niet boven de 177 graden Celsius, dan begint de karamel te verbranden en krijgt het een bittere smaak.
  • Wordt gebruikt voor: glazuur, coating

Bron

suiker smelten 1a

Ik heb zelf ooit een suikerthermometer aangeschaft nadat ik merkte dat ik mij liet tegenhouden door recepten waarbij ik deze nodig had. Ik vind het gewoon prettiger om de exacte temperatuur te weten zodat ik precies weet wanneer ik actie moet ondernemen. Toch kun je het meeste ook prima zonder deze thermometer doen. Als je suiker gaat karamelliseren gaat de suiker namelijk van stadium naar stadium. Bij elk stadia horen bepaalde temperaturen, die stadia herken je weer aan bepaalde kenmerken in de ‘koud water test’. Zo kun je vrij eenvoudig controleren hoe heet jouw suiker op dat moment ongeveer is zonder suikerthermometer.

En mocht je na onderstaand overzicht nou denken: ‘Doe mij die suikerthermometer maar’, begrijp ik volkomen. Ik heb zelf deze suikerthermometer in huis en gebruik hem inmiddels al jaren, fantastisch ding.

De verschillende stadia van suikersiroop

Draad stadium

  • Temperatuur: 230 – 235 Fahrenheit | 106 – 112 graden Celsius
  • Zo is het goed: Haal met een lepel wat uit de pan en giet dit op een bord, de suiker zal een dunne draad vormen terwijl het van de lepel afloopt
  • Wordt gebruikt voor: bindmiddel in jams en compote

Zachte bal stadium

  • Temperatuur: 235 – 240 Fahrenheit | 112 – 116 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een balletje dat zijn vorm niet behoudt wanneer je het tussen vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: fudge, fondant, etc.

Stevige bal stadium

  • Temperatuur: 245 – 250 Fahrenheit | 118 – 120 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een balletje dat zijn vorm wel behoudt maar nog plakkerig aanvoelt wanneer je het tussen je vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: karamel

Harde bal stadium

  • Temperatuur: 250 – 265 Fahrenheit | 121 – 130 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, het wordt een stevig balletje dat nog wel een beetje te vormen is wanneer je het tussen je vingers vastpakt
  • Wordt gebruikt voor: marshmallows

Zachte kraak stadium

  • Temperatuur: 270 – 290 Fahrenheit | 132 – 143 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, trek het voorzichtig uit elkaar met je vingers. Het worden dan zachte, broze breekbare draden
  • Wordt gebruikt voor: butterscotch, toffee

Harde kraak stadium

  • Temperatuur: 300 – 310 Fahrenheit | 149 – 154 graden Celsius
  • Zo is het goed: Doe een klein beetje siroop in koud water, trek het voorzichtig uit elkaar met je vingers. Het worden dan harde breekbare draden
  • Wordt gebruikt voor: peanut brittle (karamelreep met pinda’s)

Lichte karamel stadium

  • Temperatuur: 320 – 335 Fahrenheit | 160 – 170 graden Celsius
  • Zo is het goed: Wanneer je het op een wit bord giet heeft het de kleur van honing.
  • Wordt gebruikt voor: glazuur, coating

Donkere karamel stadium

  • Temperatuur: 350 Fahrenheit | 177 graden Celsius
  • Zo is het goed: Wanneer je het op een bord giet heeft het een geelbruine diep rode kleur. Ga niet boven de 177 graden Celsius, dan begint de karamel te verbranden en krijgt het een bittere smaak.
  • Wordt gebruikt voor: glazuur, coating

Bron

bakvormen 1a

Bij vrijwel al mijn recepten komt een keer de vraag van iemand die het recept in een grotere of juist kleinere bakvorm wilt maken. De hoeveelheid beslag of deeg aanpassen gaat tegenwoordig ontzettend snel en makkelijk met mijn speciale omrekentool, je vult in welke ingrediënten je wilt omrekenen en bij welke vorm die horen en selecteert vervolgens voor welke vorm het moet zijn. De tool doet de rest en laat gelijk zien hoeveel je van elk ingrediënt nodig hebt. Maar dan komt het volgende: moet je nou ook de temperatuur en baktijd aanpassen? En zo ja, hoe dan? Daarover vertel ik je vandaag meer!

Temperatuur aanpassen

Wat betreft de temperatuur is het heel simpel. Daar hoef je namelijk niets aan te veranderen. Of je een cake nu omtovert tot cupcakes of juist andersom, de temperatuur blijft hetzelfde. Makkelijk nietwaar?

Ik wil de pret niet meteen bederven, maar héél soms, in sommige gevallen kan het wel eens fijn zijn om de temperatuur toch wel een beetje aan te passen. Ik vertel daarover meer in het voorbeeld bij het aanpassen van de baktijden. Dit omdat het eigenlijk niet vaak voorkomt, alleen bij specifieke baksels.

Baktijd aanpassen

Wat wel (bijna) altijd aangepast moet worden is de baktijd. Dat is helaas is lastiger uit te leggen omdat dit echt per recept verschilt. Vaak is het ook gewoon een kwestie van proberen. Ik heb zelf wel een richtlijn die ik gebruik en daar zal ik je wat meer over vertellen. Ik neem als voorbeeld een cake recept, maar onderstaand principe geldt voor elk soort recept. Of het nu om een zandtaartbodem of een brownie gaat. Alleen heb je bij deze andere baksels vaak een andere baktijd bij het originele recept waarop je de wijzigingen wil maken. Je zult dus andere baktijden krijgen dan in mijn voorbeeld, maar je weet met die onderstaande voorbeelden dan wel beter of je het moet verkorten, en zo ja hoeveel ongeveer. Ik hoop dat dit nog logisch klinkt voor jullie 😉

voorbeelden

Laat ik beginnen met een simpele cake. Een cake bak je -over het algemeen- in een cakeblik van 25 cm in 60 minuten op 175 graden (boven- en onderwarmte) gaar en goudbruin. Cupcakes (12 stuks) met dezelfde hoeveelheid beslag bak je in ongeveer 18-20 minuten gaar en goudbruin. Maar wanneer je mini cupcakes (±36 stuks) neemt, hebben ze maar zo’n 12 minuten nodig. En dat allemaal op dezelfde temperatuur van 175 graden.

Je kunt een cake ook bakken in een andere vorm dan een rechthoekig cakeblik. Stel dat je er een plaatcake van maakt (nog steeds met de hoeveelheid beslag van de 25 cm cake) en een vorm van ongeveer 20×30 cm gebruikt, wordt de cakelaag dunner. Hij heeft dan ook minder tijd nodig om gaar te worden. Zo’n cake heeft ongeveer 45 minuten nodig. Hoe dunner de cake, hoe korter de baktijd.

bakken oven 1a

Jeetje, wat kun je toch veel met een cakerecept. Nog een voorbeeld; een ronde cake maken. Als je die plat maakt geldt hetzelfde als bij de plaatcake. Maar als je juist een hogere cake wilt bakken om bijvoorbeeld door te snijden en te vullen, zul je iets meer moeten aanpassen. Stel dat je een ronde cake van 15 centimeter maakt met dezelfde hoeveelheid beslag, dan moet je naast de baktijd ook de temperatuur aanpassen. Als je dat niet doet, zal de buitenkant al gaar zijn, terwijl dit in het midden nog niet het geval is.  Verlaag daarom de temperatuur naar 150 of 160 graden en begin met een baktijd van 45 minuten. De cake zal nu langzamer, maar wel gelijkmatiger gaar worden. Prik na die 45 minuten even in de cake om te kijken of hij gaar is en verleng zo nodig de baktijd tot hij wel gaar is. Hoogstwaarschijnlijk heeft de cake ook gewoon een uur (of zelfs iets langer) nodig, maar bij dit soort cakes vind ik het zelf prettiger om hem goed in de gaten te houden voor het lekkerste resultaat.

In deze voorbeelden zie je dat ik de baktijd bijna elke keer verkort. Verlengen kan ook, maar dat gebeurt eigenlijk alleen wanneer je ook de hoeveelheid beslag vergroot. Hoe groter de massa, hoe meer tijd er nodig is. Ik begin zelf in deze gevallen gewoon altijd met 60-70 minuten en die baktijd verleng ik indien nodig steeds met 5-10 minuten. Is de binnenkant van je cake nog heel vloeibaar, tel er dan 10 minuten bij op. Gaat het de goede kant op? Dan is 5 minuten extra voldoende.

Conclusie

Als het aankomt op cake, dan heb ik je de meest voorkomende aanpassingen van bakvorm in combinatie met baktijd nu gegeven. Natuurlijk zul je net zien dat jij een andere maat bakvorm hebt, maar met bovenstaande voorbeelden zul je nu veel beter weten hoe je het kunt aanpassen.

Wordt de cake kleiner en/of platter, dan verkort je de tijd. Wordt hij groter, dan heb je meer tijd nodig. En heb je nu echt geen idee waar je moet beginnen? Zoek dan een soortgelijk recept qua formaat/bakvorm van het baksel uit en kijk in de receptuur naar de baktijd, dit zal je ook een goede indicatie geven. Houd verder aan dat je beter met een iets kortere baktijd kunt beginnen en die wat verlengen om hem gaar te krijgen, dan dat hij er te lang in zit en droog of zelfs zwart uit de oven komt.

omreken tabellen 2

Een korte post vandaag, maar wel een hele handige! Wie wel eens Amerikaanse of Engelse recepten bekijkt weet dat zij niet met grammen werken zoals wij dat doen. Hier komen de cups en ounces tevoorschijn. Ik heb zelf zo’n setje met cups en spoons liggen dat ik dan gebruik. Maar soms is het wel gewoon makkelijk om van te voren uit te rekenen wat je nodig hebt. Daar zijn gelukkig vele handige tabelletjes voor te vinden op het internet zoals ik deze vond op Pinterest. Toch moet je ook opletten als je deze tabellen gebruikt.

In bovenstaande afbeelding zie je bijvoorbeeld dat de cups in zowel volume als gewicht wordt omgerekend. Wij zijn gewend gelijk naar het gewicht te kijken maar het is makkelijker om naar het volume te kijken. Een cup poedersuiker is namelijk niet even zwaar als een cup gewone suiker. Maar als je je maatbeker uit de kast pakt weet je precies tot hoever je die moet vullen, ongeacht het ingrediënt omdat de inhoud hetzelfde blijft. Onderstaande afbeelding rekent alleen om naar volume en vind ik daarom lekker overzichtelijk. Wat trouwens wel belangrijk is voor het vullen van cups of de maatbeker: de ingrediënten (zoals suiker) moeten altijd stevig aangestampt worden en dan pas gemeten.

omreken tabellen 1

Niet alleen inhoud is wel eens lastig in recepten uit Engelse kookboeken, ook de oventemperatuur wordt anders aangegeven. Meestal in Fahrenheit terwijl wij juist met graden Celsius werken. Onderstaande tabel geeft een handig overzicht voor het omrekenen van Fahrenheit naar Celsius en geeft ook gelijk aan welke gasovenstand dit is. Heb je een hete lucht oven? Hou dan aan dat die temperatuur altijd 10-20% lager is.

omreken tabellen 4

Maak jij vaak gebruik van omrekentabellen voor gewichten en temperaturen?

Z Liefs Laura PNG

chocolade tempereren zonder thermometer

Een paar jaar geleden wist ik niets van het smelten van chocola, maar ik wilde weten waarom het na het stollen zo zacht bleef en ging op onderzoek uit. Als je dat ook wel eens gedaan hebt ben je vast het woord tempereren tegengekomen. Heel kort door de bocht: door het verhitten van de chocola maak je de cacaoboter- en suikerkristallen kapot en door de temperatuur weer omlaag te brengen repareer je ze. In die tussentijd kun je de vorm van de chocola veranderen. Door truffels erin te dippen bijvoorbeeld of gewoon een bonbonvorm te vullen. Ik vertel je vandaag meer over chocolade tempereren zonder thermometer.

Met of zonder thermometer

Het tempereren van je chocola kun je op verschillende manieren doen; met en zonder thermometer. Met thermometer werk je nauwkeuriger en kan het bijna niet misgaan, zonder thermometer geeft iets minder gedoe, maar omdat je de exacte temperatuur niet zeker weet is er een kans dat het niet helemaal goed lukt. Toch kies ik vrijwel altijd voor de tempereer methode zonder thermometer. Dit doe ik door een deel van de chocola te smelten vervolgens de rest toe te voegen. Dat wordt ook wel de entmethode genoemd. In het begin ging dat wel eens mis, maar tegenwoordig bijna nooit meer. Je leert chocolade steeds beter kennen en weet dus ook beter wanneer het goed is. Daar zijn uiteraard ook wat trucjes voor, ik zal je vertellen hoe ik het altijd aanpak.

chocolade tempereren zonder thermometer

Au bain marie

De hoeveelheid chocola die je wilt smelten verdeel je in drie delen. Twee van die delen smelt je tegelijk, het laatste deel voeg je later pas toe, dit doe je om de temperatuur terug te brengen.

Chocola kun je au bain marie smelten, maar ook in de magnetron. Melk en pure chocola zijn eenvoudiger te smelten dan witte chocola. Witte chocola is namelijk gevoelig voor hitte. Wanneer het te warm wordt verbrandt het en wordt het korrelig. In de magnetron smelt ik de chocola steeds met intervallen van 10 seconden, zo houd je het goed in de gaten en zorg je ervoor dat het niet te snel gaat en dus te heet wordt. Natuurlijk kun je de chocola ook au bain Marie smelten, zorg dat de kom niet in het water hangt en houd het goed in de gaten. Voor elke soort chocola geldt dat je stopt met verhitten zodra het helemaal gesmolten is.

Wanneer de chocolade helemaal is gesmolten, voeg je het laatste deel van de chocola toe. Dit smelt door de warmte van de reeds gesmolten chocola, zo breng je gelijk de temperatuur terug (en repareer je de kristallen).

Bovenlip

Zodra de chocola gesmolten is, test je de temperatuur. Omdat je geen thermometer gebruikt, moet je op jezelf vertrouwen met een simpel trucje. Dip je vinger in de chocola en dep dit op je bovenlip. Je huid is hier veel gevoeliger en werkt dus als het ware als thermometer. Voelt de chocolade een beetje koel aan? Dan is het goed en kun je de chocola verder verwerken! Nog wat warm, dan blijf je rustig roeren, test de chocola af en toe op temperatuur.

Er zullen een aantal chocolade kenners zijn die hun wenkbrauwen fronsen en mij nog net niet (of misschien ook wel) voor gek verklaren, want dit is niet de officiële methode. Om helemaal zeker te zijn gebruik je een thermometer. Ik heb deze truc echter geleerd van een chocolatier in het bakkerij museum en het werkt (na een paar keer oefenen) elke keer weer. En omdat niet iedere thuisbakker een (suiker)thermometer in de keukenla heeft liggen, deel ik deze tip graag met jullie!

chocolade tempereren zonder thermometer

Resultaat

Welke manier je ook gebruikt, zodra de temperatuur juist is kun je de chocola verwerken. Resultaat? De chocolade stolt sneller, heeft een mooie glans en je hoort de gewenste ‘knak’ wanneer je de chocolade breekt. Voortaan geen doffe, wittige en zachte chocolade meer! Het lukt misschien niet gelijk de eerste keer, maar geef niet op. Ik heb ook eerst een paar keer moeten oefenen voordat ik het doorhad en ik precies wist hoe de chocola moest voelen qua temperatuur.

Speel je liever op safe? Binnenkort zal ik ook de tempereer methode met thermometer behandelen.

oven kitchenaid

Eigenlijk wordt bij ovens vooral onderscheid gemaakt tussen hetelucht ovens en ovens met onder- en bovenwarmte (=conventioneel). Deze twee zul je het meest voorbij zien komen. Natuurlijk zijn er ook nog gasovens en andere ovens die je op tal van andere standen kunt zetten, maar wanneer het op bakken aankomt wordt vooral over deze twee gesproken. Heb jij je altijd al afgevraagd wat nu eigenlijk het verschil is en wat beter werkt? In dit artikel leg ik je dat uit. Dat niet alleen trouwens, ik vertel ook hoe je recepten kunt aanpassen op het soort oven en welke oven (naar mijn mening) het best is voor bakken.

Het verschil

Bij een hetelucht oven blaast een ventilator de warme lucht door de oven heen. De temperatuur is hierdoor overal in de oven gelijk. Voor veel gerechten is dit ideaal, ook wanneer je meerdere platen of roosters tegelijk gebruikt.

Bij een conventionele oven komt de warmte van boven en beneden. Minder geschikt op meerdere niveaus gelijk te bakken, want de warmte wordt tegengehouden door een plaat of bakvorm. Wat wel weer fijn is, is dat je de temperatuur plaatselijk kan regelen. Wil je dat de onderkant warmer is dan de bovenkant, plaats het rooster of de bakplaat dan iets onder het midden.

Boven- en onderwarmte of hetelucht?

De meest gebruikte oven is er een met boven- en onderwarmte. Dit is in recepten meestal ook de standaard. Je kunt ervan uitgaan dat in alle recepten die je in boeken en op websites ziet, deze stand gebruikt wordt. Dat wordt meestal niet vermeld, het is een soort ongeschreven regel. Net als dat met boter in bakrecepten altijd ongezouten roomboter wordt gebruikt.

Wanneer een hetelucht oven wordt gebruikt, staat dit altijd ergens vermeld. In boeken kun je meestal voorin vinden welke instellingen worden gebruikt. Op websites staat het meestal in het recept zelf, maar je kunt bij twijfel ook een kijkje nemen op een pagina met veelgestelde vragen.

bakken oven 1a

Recepten aanpassen aan de oven

Voor welke oven het recept ook is geschreven, je kunt prima een andere oven gebruiken om het baksel te maken. Eigenlijk hoef je alleen maar rekening te houden met de temperatuur, deze moet even aangepast worden.

Van boven- en onderwarmte naar hetelucht verlaag je de temperatuur met 20%. Een temperatuur van 180 graden wordt dus 144 graden bij hetelucht. Nu zul je de meeste ovens niet zo nauwkeurig kunnen afstellen, ik zou hem in dit geval op 150 graden zetten.

Ook andersom kun je de temperatuur aanpassen. Van een hetelucht oven naar eentje met boven- en onderwarmte moet de temperatuur omhoog met 25%.

Wat is beter?

Vaak wordt mij gevraagd wat voor een oven mensen het best kunnen kiezen. Daar kan ik niet over oordelen, dat is heel persoonlijk. Ik ben gewend om een oven met boven- en onderwarmte te gebruiken, daar zou mijn voorkeur dus ook weer naar uitgaan bij de aanschaf van een nieuwe oven. Daarnaast vind ik het prettig dat er geen lucht wordt rondgeblazen, wat bij hetelucht vaak wel het geval is (al kun je dat ook vaak weer uitzetten). Tot slot heb ik ook het gevoel dat een conventionele oven gelijkmatiger bakt, maar dat is puur persoonlijk.

oven kitchenaid

Ik heb het al vaak gezegd, maar ik herhaal het gewoon nog even in een apart artikel: elke oven is anders. En omdat elke oven anders is, werken ze allemaal ook net even op een andere manier wanneer het op de temperatuur aankomt.

Mijn cakes bak ik altijd op 180 graden, maar ik hoor ook wel eens mensen die hem op 160 graden bakken. Ik bak hem een uur, maar er zijn genoeg mensen die 55 minuten meer dan genoeg vinden of hem juist nog even wat langer in de oven laten staan.

In dit artikel geef ik je wat meer tekst en uitleg over de aangegeven temperaturen in recepten en hoe je die bij jouw oven toepast voor de beste resultaten.

Richtlijnen

De temperaturen en baktijden die in een recept staan zijn een richtlijn. Als jij dit precies aanhoudt is het mogelijk dat jouw cake nog niet helemaal gaar is, of juist net iets te droog is op het moment dat je hem uit de oven haalt. Dat betekent helemaal niet dat je iets fout hebt gedaan of dat het recept niet klopt. Het houdt alleen in dat jouw oven anders werkt dan die van de maker van het recept.

Ging het niet helemaal naar wens? Probeer de volgende keer dan een hogere of lagere temperatuur, of bak hem iets korter of langer. Afhankelijk van jouw eerdere resultaat natuurlijk. Het is een beetje zoeken naar de beste instellingen voor jouw oven. Neem de tijd om jouw oven te leren kennen, zorg dat je weet hoe hij het best werkt. Als je daar eenmaal achter bent, tover je de lekkerste baksels uit de oven. En ja, voordat het zover is zullen er eerst wat misbaksels uit de oven komen. Maar dat is niet erg, daar leer je je oven alleen maar beter van kennen.

Oventhermometer

Twijfel je of jouw oven de juiste temperatuur aangeeft? Schaf dan een oventhermometer aan! Best kans dat jij de oven instelt op 180 graden, terwijl hij in werkelijkheid 170 graden is. Dat verklaart dan ook direct waarom jouw baksel anders uit de oven komt dan je verwacht.

Hou je baksel in de gaten

Druk bezig met het testen van je oven? Houd dan jouw taart, cakes en koekjes in de gaten wanneer ze in de oven staan. Moeten de koekjes 15 minuten in de oven volgens het recept? Spiek dan al even na bijvoorbeeld 12 minuten als je weet dat jouw oven meestal minder tijd nodig heeft. Zo voorkom je eventuele misbaksels en leer je je oven nog sneller kennen.

Bron foto: KitchenAid (en nee, ik ben helaas niet in het bezit van zo’n beauty 😉 )

WANNEER IS MIJN BAKSEL GAAR?

In een recept vind je altijd een baktijd met bijbehorende temperatuur. Daarna is je baksel klaar. Of althans, meestal dan. De tijden en temperaturen in recepten gelden altijd als richtlijn, iedere oven is anders en het kan best zo zijn dat het bij jou iets meer of minder tijd nodig heeft. Zo had de oude oven van mijn ouders bijvoorbeeld altijd een paar minuten extra nodig. Mijn huidige oven is daarentegen bij sommige recepten vaak een paar minuten sneller. Hoe vaker je je oven gebruikt, hoe beter je weet hoe hij werkt. En dan weet je ongeveer wel hoe lang een bepaald (formaat) baksel nodig heeft in de oven totdat deze gaar is. Maar heb je die ervaring nog niet, dan kan soms de twijfel toeslaan als de kookwekker afgaat. Want is die cheesecake nu wel of niet gaar? Moeten de brownies nog wat langer in de oven of haal je ze er al uit? Gelukkig is er bij ieder baksel een richtlijn en zijn er trucs waarmee je kunt zien of je baksel gaar is. Over die trucs vertel ik je vandaag meer. Per soort baksel, wel zo duidelijk.

Maak je zelf een nieuw recept of pas je een recept dusdanig aan dat je niet meer weet of de originele baktijd volstaat? Dan is mijn tip om een vergelijkbaar recept met hetzelfde formaat op te zoeken, dat geeft je wel een idee. Hier lees je meer over het aanpassen van de baktijd en -temperatuur wanneer je wijzigingen maakt in een recept.

Wanneer zijn mijn koekjes gaar?

Koekjes kunnen lastig zijn. Ze zien er gaar uit, maar wanneer je er eentje wilt pakken om te testen blijken ze nog superzacht te zijn en vallen uit elkaar. En dat kan kloppen, koekjes komen namelijk altijd zacht uit de oven, die laat je een paar minuten afkoelen op de bakplaat en daarna op een rooster. Dan zul je zien dat ze perfect zijn.

Om te weten of koekjes gaar zijn, zul je goed moeten kijken. Bij lichte koekjes controleer je de rand, als die goudbruin gekleurd is zijn ze goed. Dat is bij chocoladekoekjes natuurlijk wat lastig, maar ook daarbij kun je wel wat verschil zien. Als je het echt niet zeker weet, raad ik je aan om heel voorzichtig het randje te voelen, die zou wel al iets harder moeten zijn (maar nog steeds redelijk zacht dus). Probeer dat anders gewoon eens een paar keer bij de lichte koekjes, dan weet je vanzelf wat ik bedoel.

Heb je een taartbodem van zanddeeg gemaakt? Die controleer je net zoals je bij koekjes doet. Alleen hoeft hier niet alleen de rand goudbruin te zijn, je wilt dat de bodem zelf ook al een beetje lichtbruin is.

WANNEER IS MIJN BAKSEL GAAR?
maken

Wanneer is mijn cake gaar?

Cakes kun je beter controleren, namelijk met een prikker. Er zijn speciale caketesters te koop, maar ik gebruik altijd een houten satéprikker. Aan het eind van de baktijd steek je die prikker in het midden van de cake en dan trek je hem er weer uit. Komt de prikker er schoon uit, dan is de cake gaar. Een paar kruimeltjes die er al goed uitzien is ook niet erg. Wanneer er nog beslag of plakkerige stukjes cake/beslag aan de prikker zit is hij nog niet goed. Snel het ovendeurtje dicht en nog wat langer in de oven die cake.

Je kunt trouwens op precies dezelfde manier controleren of je cupcakes of muffins gaar zijn.

Wanneer is mijn cheesecake gaar?

Weer een baksel waar je je ogen voor moet gebruiken. Cheesecakes controleer je door de vorm een klein beetje heen en weer te bewegen. De taart is goed zodra de vulling stevig oogt, maar nog wel een beetje wiebelig is. Daarna haal je hem niet uit de oven, cheesecakes laat je afkoelen in de oven, met de deur op een kleine kier (bijvoorbeeld door er een pollepel tussen te steken).

Wanneer zijn mijn schuimpjes klaar?

Schuimpjes of meringues zijn klaar wanneer ze makkelijk loslaten van het bakpapier. Ze zijn in het midden van vaak nog wat zachter. Vind ik zelf perfect, maar laat ze gerust wat langer in de oven staan als jij dat niet wilt. Schuimpjes bak ik zelf vaak in grote hoeveelheden, dus om het echt zeker te weten kun je er ook gewoon vast even proeven. Voor het beste resultaat laat je hem dan buiten de oven even afkoelen omdat het midden vaak nog wel iets steviger wordt (die paar minuutjes langer voor de rest maken niet een heel groot verschil).

Wanneer is mijn brownie gaar?

Veel mensen testen brownies net zoals een cake, vervolgens hoor je dan dat de brownies te droog zijn. Kan kloppen, want voor een smeuïge brownie werkt deze prikker test ook helemaal niet. Een brownie is goed wanneer de bovenkant er droog uit ziet en ietwat mat is. Haal hem dan uit de oven en laat in de vorm helemaal afkoelen. Echt helemaal, anders breekt hij in vele stukken. Wanneer je genoeg geduld hebt kun je daarna van een heerlijke brownie genieten.

WANNEER IS MIJN BAKSEL GAAR?
2

Wanneer is mijn biscuit gaar?

Om te kijken of een biscuit gaar is gebruik je je hand. Druk heel voorzichtig op de bovenkant van je biscuit, wanneer deze weer terugveert is hij gaar. Je hebt ook hier dus geen prikker nodig. Deze techniek gebruik ik zelf trouwens ook vaak bij plaatcakes, werkt ook prima.

Wanneer is mijn brood gaar?

Bij een brood klop ik altijd even op de onderkant van het net gebakken brood. Wanneer dit hol klinkt weet je dat het brood gaar is en zo niet, dan mag je brood nog even terug de oven in. Als je deze truc niet vertrouwt, dan kun je ook een digitale thermometer gebruiken. Ik leg dat uitgebreider uit in dit artikel dat ik specifiek schreef over wanneer je weet of een brood gaar is.

Ontbreekt er nog een baksel volgens jou in dit artikel? Laat het me dan even weten!

suikerthermometer-1a

Voor deze nieuwe rubriek met favo keukenhulpjes heb ik laatst mijn hele keuken doorgespit. Waar kan ik nou echt niet zonder? Vrij weinig kwam ik achter, met alles dat ik in mijn keukenkastjes heb verstopt ben ik blij. Ik besloot daarom nu een product te laten zien wat ik niet per se heel veel gebruik, maar wat voor mij wel onmisbaar is bij bepaalde recepten. Waar ik het over heb? De suikerthermometer! Ik krijg ook altijd veel vragen over dit hulpje in de keuken, dus ik besloot het wat verder uit te lichten en jullie te laten zien welke suikerthermometer ik zelf heb.

Mijn suikerthermometer

Mijn exemplaar is van het merk CDN en heb ik inmiddels alweer een paar jaar in mijn bezit. Volgens mij heb ik er destijds zo’n 20 euro voor betaald. Toen ik er eentje ging kopen kwam ik dit merk veel tegen, net als dat er heel veel suikerthermometers bleken te zijn. Ik heb voor dit exemplaar gekozen omdat hij speciaal voor de zoete keuken is ontwikkeld. Zo heeft hij voorgeprogrammeerde standen voor alle verschillende stadia van suiker (dat zijn deze). Erg handig, zeker omdat hij je al een seintje geeft wanneer hij nog maar 2 graden hoeft tot de gewenste temperatuur. Je kunt trouwens ook zelf een temperatuur instellen, net als dat je zelf kunt selecteren of je in graden Celsius of Fahrenheit wilt meten.

suikerthermometer kopen

Verder vind ik dit een prettig model. Het is eigenlijk gewoon een lang staafje die je met de klem aan de rand van je pannetje kunt bevestigen. Je kunt zelf een beetje schuiven om hem juist te bevestigen en dat maakt hem voor vrijwel elke pan geschikt om suiker te smelten.

suikerthermometer-2a

Waar gebruik je ze voor?

De naam zegt het al, je gebruikt deze thermometer om de temperatuur van gesmolten suiker te meten. Bij het maken van karamel bijvoorbeeld. Waar ik hem zelf voornamelijk voor gebruik, is het maken van suikersiroop voor mijn Italiaanse schuim (recept).

Ook gebruik ik hem ieder jaar weer als ik oliebollen bak om de temperatuur van de olie in de gaten te houden. Dat geldt natuurlijk ook voor als je andere dingen wilt frituren in een braadpan.

Belangrijk om te weten is het volgende: de punt van de thermometer mag nooit op de bodem van de pan rusten. Want dan meet je de temperatuur van de pan, niet meer van alleen het mengsel. Ook een reden waarom ik dit model zo prettig vind werken.

Heb jij al een suikerthermometer in je bezit? Gebruik je hem veel?

Laura's Bakery 10 jaar shoot (14)

Zoals sommigen van jullie zullen weten proberen wij met ons team meerdere keren per week al jullie bakvragen te beantwoorden (die kunnen jullie stellen onderaan de recepten). Zelfs per mail, via Instagram en via Facebook krijgen we de nodige vragen binnen. Het leek ons daarom leuk om weer eens een aantal veelgestelde bakvragen uit te lichten! Dat is alweer even geleden én dat scheelt ons ook weer wat vragen beantwoorden 😉 

Welke soort bloem gebruik je? 

Ik gebruik altijd patentbloem of tarwebloem. Tarwebloem gebruik ik meestal voor brood, maar kan ook prima voor gebak gebruikt worden. Het liefst gebruik ik patentbloem voor mijn cakes en taarten, omdat de structuur net iets fijner is dan van tarwebloem. In dit artikel leg ik verschillende soorten bloem uitgebreider uit.  

En als ik dan toch bezig ben wil ik graag nog een misverstand omtrent bloem de wereld uit helpen: heel vaak krijg ik de vraag of ik zelfrijzend bakmeel of bloem bedoel wanneer er ‘bloem’ in een recept staat. Ik bedoel dan dus absoluut bloem, patent of tarwe, allebei prima. Zelfrijzend bakmeel is namelijk een ander soort product; de basis is bloem, maar er is ook bakpoeder aan toegevoegd. Die kun je dus niet zomaar door elkaar vervangen. Wil je dit wel, lees daar dan hier meer over. 

Hoe reken ik recept X om naar een grotere of kleinere bakvorm? 

Dit is absoluut de meest voorkomende bakvraag en om die reden heb ik een prachtige omrekentool voor jullie ontwikkeld. Met deze tool kun je zelf elk recept met een ronde, vierkante of rechthoekige bakvorm omrekenen naar de gewenste maat bakvorm. De tool rekent elk ingrediënt dan netjes voor je om tot de exacte benodigde hoeveelheid. Het gevolg kan wel zijn dan je daarom soms 3,4 eieren nodig blijkt te hebben voor de vorm die jij wilt gebruiken, maar als je bedenkt dat een gemiddeld ei 50 gram weegt dan kun je dat met behulp van de weegschaal ook weer prima doorrekenen.  

Verandert de baktijd en de temperatuur als je een recept halveert of verdubbelt? 

Dit is natuurlijk de grote vervolgvraag op het omrekenen van een recept. Wat gebeurt er met de baktijd en de temperatuur? De temperatuur blijft in elk geval exact hetzelfde, maar de baktijd verandert inderdaad. Helaas heb ik hier geen pasklaar antwoord op, dus als je besluit dat je een ander formaat bakvorm wilt gebruiken dan zul je het baksel zelf goed in de gaten moeten houden. Wel geef ik in dit artikel nog wat meer tips en geef ik alvast wat voorbeelden van hoe je hiermee om kunt gaan. 

Mijn baksel is niet gaar geworden, wat ging er mis? 

Dit kan aan nogal wat factoren hebben gelegen en is voor mij heel moeilijk te bepalen op afstand. Mijn eerste vraag is altijd of de thuisbakker misschien iets aan de ingrediënten heeft veranderd, aan de hoeveelheid van de ingrediënten of aan de bakvorm. Zodra je hier iets aanpast heeft dat natuurlijk een groot effect op het resultaat, want het recept is precies zo gemaakt dat het klopt.  

Daarnaast is een goede, betrouwbare oven natuurlijk van belang. Ik bak altijd bak op boven- en onderwarmte. Bij een heteluchtoven moet de temperatuur in mijn recepten 10-20% lager gezet worden. Ook kan ik iedereen aanraden om een extra temperatuurmeter in de oven te zetten, die kost maar een paar euro. Soms klopt de temperatuur die je oven aangeeft namelijk niet en zo kun je dat mooi controleren.

Omrekenen oventemperaturen oven

Kan je brood ook (een nacht) laten rijzen in de koelkast? 

Hier had ik tot voor kort geen ervaring mee, maar omdat de vraag zó ontzettend vaak werd gesteld ben ik flink aan het experimenteren geslagen. Grofweg is het antwoord: ja, maar er zijn verschillende opties en factoren waar je rekening mee moet houden. Te veel om hier kort en bondig aan jullie uit te leggen, dus als je er meer over wilt weten kun je het beste mijn bevindingen en stappenplan in dit artikel even rustig doorlezen. 

Waardoor kan ik suiker vervangen in recept X? 

Deze vaak krijg ik steeds vaker en helaas kan ik er meestal geen goed antwoord op geven zonder het recept zelf eerst uitvoerig te testen met een suikervervanger. Er zijn natuurlijk vele alternatieven te vinden die je prima kunt gebruiken, die vind je hier, maar per recept zal verschillen welke soort het meest geschikt is en in welke hoeveelheid. Bedenk je ook dat het resultaat vrijwel nooit hetzelfde is als wanneer je gewone suiker zou gebruiken in een recept.  

Soms krijg ik ook de vraag of je suiker helemaal weg kunt laten, in die gevallen raad ik lezers aan dat zij beter op zoek kunnen gaan naar een ander (suikervrij) recept. Maar bij meer simpele bakrecepten (zoals cake) kun je wel proberen om de hoeveelheid suiker te verminderen met 25% bijvoorbeeld. Ook hier geldt, het resultaat zal hier wel door beïnvloed worden. Suiker is niet alleen een zoetmiddel, maar ook een structuurbouwer. Dus wanneer je het (deels) weglaat verandert de structuur.

Als jij nu thuis aan het experimenteren slaat (en het succesvol is), dan lees ik heel graag in de reacties terug wat je precies gedaan hebt! Daar hebben andere thuisbakkers met dezelfde vraag ook veel aan. Kijk ook eens tussen mijn verzameling met ‘suikervrije’ recepten, waarmee ik bedoel dat ik alternatieven voor suiker heb gebruikt (let dus op: de recepten zijn niet daadwerkelijk suikervrij)

Hoeveel calorieën of voedingswaarden bevat recept X? 

Ik tel geen calorieën en ik bereken ook geen voedingswaarden. Laura’s Bakery draait gewoon om lekkere bak- en borrelrecepten! Gelukkig bestaan er genoeg websites met tools waar je de ingrediënten van een recept kunt invoeren en deze gemakkelijk de voedingswaarden en/of calorieën voor je berekenen. 

Heb je nog andere vragen dan hierboven behandeld? Kijk dan eens in de FAQ of in ons uitgebreide archief met handige baktips, hieronder vind je de categorieën en daar kun je dan makkelijk naartoe doorklikken: 

Mijn laatste tip voor jullie: lees het recept goed door en denk logisch na. Klinkt misschien flauw, maar geloof mij dat je daarna je eigen vraag meestal al kan beantwoorden. Daarnaast staan de meeste bakvragen inmiddels ook beantwoord in de vele vragen onder de recepten, dus grote kans dat jouw antwoord daar ook tussen staat. Veel bakplezier! 

Zo maak je je eigen zuurdesemstarter én zuurdesembrood!

Sommige bakprojecten staan al jaren op mijn ‘to-bake lijst’, zoals het maken van een eigen zuurdesemstarter en het bakken van een zuurdesembrood. Die baklijst is alleen nogal lang en daarom schuiven bepaalde projecten steeds weer een maandje op. Zeker als het een wat meer tijdsintensief project is.

In december daagde Baktotaal mij al uit om zelf stroopwafels te maken en ook nu gaven ze mij een klein duwtje in de rug. Ik ontving een pakket van ze met alle benodigdheden om zelf een zuurdesembrood te bakken en ben meteen aan de slag gegaan.

Ik heb inmiddels al vele zuurdesembroden gebakken en ben ontzettend tevreden met het resultaat. Hoogste tijd om jullie in het artikel van vandaag stap voor stap uit te leggen hoe ook jij je eigen zuurdesemstarter maakt, met alle tips en tricks die daarbij horen. En vervolgens ga ik natuurlijk door met het delen van mijn recept voor een overheerlijk zuurdesembrood.

WAT IS EEN ZUURDESEMSTARTER?

Een zuurdesembrood maken kost tijd, daar moet je voordat je begint rekening mee houden. Dus heb je haast? Stel dit project dan nog even uit, want een zuurdesembrood laat zich niet opjagen (goede eigenschap trouwens 😉). Dit komt voornamelijk omdat je eerst een zuurdesemstarter moet maken, ook wel een zuurdesemcultuur genoemd.

Met deze starter ontwikkel je op een natuurlijke wijze een gistcultuur voor je brood, je gebruikt namelijk geen regulier gist voor een zuurdesembrood. Om de starter te maken heb je gemiddeld zeven dagen nodig, maar in sommige gevallen heb je twee dagen minder of juist een week meer nodig. Geduld is een schone zaak.

ZUURDESEMSTARTER MAKEN

Het maken van de starter is erg simpel, je hebt er enkel meel en water voor nodig. Je begint met een gelijke hoeveelheid meel en water (50 gram om 50 gram) en je gaat op dagelijkse basis op hetzelfde tijdstip je starter terugbrengen naar 50 gram en opnieuw voeden met 50 gram meel en 50 gram water. Op deze manier blijven alle onderdelen in de verhouding 1:1:1.

Door dit proces worden de reeds aanwezige gisten en bacteriën in het meel actief en zullen gaan fermenteren, waardoor de starter in omvang zal verdubbelen en zoet-zurig zal ruiken. Dit is precies wat je nodig hebt om door te kunnen gaan met het maken van een desem, de basis voor je zuurdesembrood.

Onderstaand zie je op links hoe de starter eruit ziet als je ‘m net in de pot doet en op rechts zie je dat er een beetje activiteit is geweest.

WAT IS EEN ZUURDESEMSTARTER?

Zo maak je je eigen zuurdesemstarter

Wanneer is mijn starter actief en klaar om te gebruiken?

Dit geldt vanaf/na dag 5: als je starter binnen 8 uur na de laatste keer voeden is verdubbeld in hoeveelheid, dan is je starter actief. Dit zie je doordat je een elastiek om de pot plaatst, zodat je de activiteit in de gaten kunt houden. En dan volgt er nog een kleine test om het echt zeker te weten: neem een glas of kommetje met water en doe hier een klein beetje van de starter in. Blijft het drijven? Dan is het zo klaar als een klontje, je starter is gereed voor om mee te bakken!

Sommigen zeggen dat de drijftest niet nodig is, maar dat je het ook kunt ‘proeven’: je starter moet op een prettige manier zurig smaken en mag niet prikken op de tong.

Mocht je er nu niet meteen een brood mee willen (of kunnen) bakken, kun je de starter in de koelkast parkeren. Door de lagere temperatuur vertraag je het gistingsproces als het ware. Een starter die in de koelkast staat hoeft maar 1 keer per week gevoed te worden. Wil je de starter na enkele weken weer gebruiken? Let er dan op dat je deze weer opnieuw activeert (zie bovenstaande alinea).

Onderstaande starter is zijn hoogtepunt net voorbij en alweer een beetje ingezakt.

Wanneer is mijn starter actief en klaar om te gebruiken?

Mijn starter stinkt, hoort dat?

Zoals ik al eerder omschreef hoort je starter een beetje naar yoghurt te ruiken, een aangename zurige geur met een lichtzoete ondertoon. Met name op het moment dat je starter op z’n hoogtepunt is, zal de zoete ondertoon pas echt aanwezig zijn.

Is dit niet het geval bij jou? Dan ruikt je starter waarschijnlijk té zuur of zelfs naar aceton of terpentine. Geen zorgen, je kunt je starter nog redden. De geur is een teken dat je starter (meer) gevoed moet worden. Zeker als het weer bijvoorbeeld erg warm is en je starter daardoor ook erg actief is geweest, zal deze meer voeding nodig hebben.

Help mijn starter wil niet actief worden

Soms duurt het wat langer voordat je starter actief wordt, maar vaak zie je na dag 1 of 2 al wel wat kleine luchtbubbeltjes (zie de foto hieronder). Mocht het hierbij blijven na 5 dagen, dan zijn er een paar dingen waar je extra op kunt letten (daarnaast ook gewoon erg goede beginnerstips):

  • Gebruik voor je starter en het voeden van je starter tenminste 50% roggemeel, dit wordt sneller actief dan andere meelsoorten.
  • Roer je starter tenminste elke keer bij het voeden stevig door, maar liever nog één of twee keer tot de volgende voeding. Op deze manier krijgen de aanwezige gisten en bacteriën in het meel voldoende zuurstof, waardoor ze actiever zullen worden.
  • Werk schoon. Gebruik een schone lepel en spatel bij het voeden van je starter. Ik verschoon zelf ook de pot van mijn starter. Let er wel op dat je deze met koud water naspoelt als je deze heet hebt afgewassen, anders kan de warme pot het gist doden.
  • Zorg ervoor dat je starter op een vaste, warme plek staat en dat je deze dagelijks op hetzelfde tijdstipt voedt. Starters houden niet van veel verandering en gedijen goed bij een warmere temperatuur (tussen de 21 – 25 graden), zoals een plekje boven de verwarming of het koffiezetapparaat.

Op die manier en met een flinke portie geduld krijg je een mooie, luchtige gistcultuur waardoor je uiteindelijke zuurdesembrood de juiste smaak en textuur zal krijgen. Wees vooral geduldig, want je kunt geluk hebben (onder de juiste omstandigheden) dat je starter na vijf dagen al actief is, maar het kan ook zomaar twee weken duren. Bij mij duurde het beduidend langer voordat de starter actief werd omdat het niet warm genoeg was in huis.

Basisrecept zuurdesemstarter maken

WELKE BAKMATERIALEN HEB IK NODIG?

Voor het maken van een zuurdesemstarter zijn een aantal bakproducten essentieel. Je moet dagelijks meel afwegen voor de voeding, waardoor een keukenweegschaal onmisbaar is. Daarnaast heb je lauwwarm water nodig dat absoluut niet té warm mag zijn (want dan dood je de gistcultuur), dus is een thermometer ook erg handig.

Door glazen potten te gebruiken kun je de activiteit van je starter heel goed in de gaten houden, daar helpt een elastiek extra bij. Deze bakmaterialen heb ik gebruikt:

  • Keukenweegschaal
  • Thermometer
  • Plastic/glazen beslagkommen
  • Plastic/houten spatels
  • Glazen potten
  • Elastiek
ZO MAAK JE JE EIGEN ZUURDESEMSTARTER ÉN ZUURDESEMBROOD!

Recept afdrukken

4.52 van 31 stemmen

Basisrecept zuurdesemstarter

Met dit recept krijg je gegarandeerd een goede zuurdesemstarter, je hebt er hoogstens een vleugje extra geduld voor nodig.

Ingrediënten

  • 350 gram roggemeel of vervang eventueel voor 50% voor een ander volkorenmeel
  • 350 gram water lauwwarm (rond de 25 graden)

Instructies

  • Dag 1 om 07:00 – meng 50 gram meel met 50 ml lauw water in een kom. Roer stevig door zodat al het meel vochtig is en doe dit in een schone pot. Dek de pot af met vershoudfolie, met de deksel er los op gelegd of een schone theedoek erover heen. Let erop dat je de deksel niet dichtdraait.
  • Dag 2 om 07:00 – waarschijnlijk zie je nu nog geen activiteit in je glazen pot, op een paar luchtbubbeltjes na, dat is meestal zo. Meng opnieuw 50 gram meel met 50 ml water in een kom. Breng de hoeveelheid in de pot terug tot 50 gram (de rest gooi je weg) en voeg het verse mengsel eraan toe, roer stevig door en dek af.
  • Dag 3 om 07:00 – herhaal dag 2. Als je het leuk vind kun je al een elastiek om de pot binden om de activiteit van je starter nauwkeurig bij te houden.
  • Dag 4 om 07:00 – herhaal dag 3.
  • Dag 5 om 07:00 – herhaal dag 4 en plaats vanaf nu sowieso een elastiek om de pot, op de rand tot waar je starter komt. Zo kun je de volgende dag zien of je starter actief genoeg wordt om over te gaan tot het maken van je desem. Verdubbelt je starter binnen 8 uur na het voeden? Dan is je starter op dit moment klaar om je desem mee te maken! Is je starter verdubbeld, maar ook weer ingezakt? Wacht dan tot de volgende dag, voed opnieuw en let goed op wanneer je starter z’n hoogtepunt bereikt. Ga dan meteen door met het recept voor het zuurdesembrood onderstaand.
  • Als je starter nog niet is verdubbeld op dag 6 (en die kans is groot, dus geen zorgen), ga dan stug door met het dagelijkse voeden totdat dit wel gebeurt en begin daarna met het recept voor het zuurdesembrood.

Notities

  • Wat betreft het tijdstip: dit vond ik een handig tijdstip, meteen nadat ik ben opgestaan. Je kunt het ook twee uur later doen of in de avond, voor het slapengaan bijvoorbeeld. Zolang je het maar elke dag op hetzelfde moment doet.
  • Wat te doen met starter restanten? Bak er pannenkoeken van! Hou hiervoor ongeveer deze verhoudingen aan: 200 gram meel, 100 gram starter, 3 eieren, 250 ml (karne)melk, een snuf zout en eventueel twee eetlepels suiker. Mix alles samen tot een beslag en bak er zo dun mogelijke pannenkoeken van in een pannenkoekenpan met wat boter. 

HOE BAK JE EEN ZUURDESEMBROOD?

De eerste en meest belangrijke stap heb je al achter de rug (of je bent er mee bezig): het maken van je eigen starter. Als je starter eenmaal actief is ga je door met het maken van een desem, dit is de basis voor je zuurdesemdeeg. De actieve ‘rijpe’ starter ga je voeden met meel en water, wat vervolgens de desem wordt genoemd. Je wil liever niet je gehele starter op maken, dus het is slim om meer te maken dan je voor één brood nodig hebt. Dan hoef je de volgende keer niet helemaal opnieuw te beginnen. Voor onderstaand recept heb je sowieso niet je gehele starter nodig, dus dat komt goed.

Er zijn veel verschillende manieren waarop je een zuurdesembrood kunt maken. Dat begint al bij hoe je het deeg gaat mengen, maar ook hoe je het kneed, vormt en laat rijzen. Mijn recept is een combinatie van de vele uiteenlopende recepten die ik online en in boeken gelezen heb; na veel oefening ben ik tot mijn eigen favoriete handelingen gekomen.

In onderstaand recept ben ik voor een relatief makkelijke methode gegaan, met weinig poespas. Ik meng expres geen extra vet, suiker of zaden door het deeg en wil jullie vooral laten zien hoe makkelijk én lekker het maken van een zuurdesembrood is. Waarschijnlijk zul je een aantal bakpogingen nodig hebben totdat je de smaak helemaal te pakken hebt, maar zo werkt dat nu eenmaal met brood bakken. Aan de ene kant is het een precies werkje, waarbij ingrediënten nauwkeurig moet worden afgemeten en de juiste temperatuur van groot belang is, maar uiteindelijk is het ook gevoelswerk en moet je de methode vinden die bij jou past.

Basisrecept zuurdesembrood bakken (5)

WELKE BAKPRODUCTEN HEB IK NODIG OM EEN ZUURDESEMBROOD TE BAKKEN?

Net zoals voor het maken van een zuurdesemstarter is voor het maken van een zuurdesembrood een weegschaal en thermometer erg praktisch. Wellicht ben je al handig geworden om zelf aan te voelen wanneer het water de juiste temperatuur heeft, dan hoef je niet elke keer de thermometer meer te gebruiken. Maar let wel op: als het water te warm is dan kun je het gist doden.

WELK RIJSMANDJE MOET IK GEBRUIKEN?

Het deeg laat je rijzen in een rijsmandje, let er wel op dat je het juist formaat in huis haalt. Het mandje dat ik gebruikte was eigenlijk voor een groter brood bedoeld, maar in onderstaand lijstje heb ik het juiste formaat gelinkt. Er zijn trouwens ook rijsmandjes voor langwerpige broden, i.p.v. voor ronde broden. Als je gaat werken met grotere hoeveelheden deeg, voor meerdere broden, dan is een deegschraper ook erg handig. Maar voor dit recept is dat niet nodig.

Basisrecept zuurdesembrood bakken

Zo maak je je eigen zuurdesemstarter én zuurdesembrood!

HOE MOET IK MIJN ZUURDESEMBROOD INSNIJDEN?

Als het brood gerezen is, breng je een (decoratieve) snede in de bovenkant aan en dit gaat het meest prettig met een vlijmscherp broodmesje. Voor de eerste keren zou ik voor één simpele snede over de lengte gaan, maar als je het goed in de vingers hebt dan kun je voor meer decoratieve snedes gaan of een mooi ‘oor’ creëren zoals ik bij het brood op de foto heb gedaan. In deze video wordt erg duidelijk visueel weergegeven hoe je dat doet.

ZO BAK JE EEN ZUURDESEMBROOD AF

Uiteindelijk zul je het brood afbakken, wat het meest prettig gaat in een broodbakpan, maar het kan ook in een braadpan. Het is in ieder geval belangrijk dat het een deksel heeft. Tijdens de eerste helft van het bakken zorgt de deksel ervoor dat het deeg door de stoom flink gaat rijzen. Halverwege het bakproces gaat de deksel eraf en daardoor krijgt het brood een lekker knapperige korst en een mooie bruine kleur. Ik gebruikte de broodbakvorm van Emile Henry. In eerste instantie gebruikte ik bakpapier, maar ik merkte later dat de onderkant van het brood nog beter werd als ik dit weglaat.

ZO BAK JE EEN ZUURDESEMBROOD AF

En als je het jezelf helemaal makkelijk wilt maken, dan gebruik je net zoals ik dit elektrische mes om het brood mee aan te snijden als het afgekoeld is.

Dit waren alle materialen die ik gebruikte:


WELKE SOORT BLOEM OF MEEL GEBRUIK JE VOOR ZUURDESEMBROOD?

Ik heb verschillende meelsoorten uitvoerig voor jullie getest, waardoor ik op een bepaald moment een enorme startersfamilie in mijn keuken staan. Dat was een flinke klus rond voedertijd kan ik je vertellen. 😉

In mijn ervaring kun je voor de zuurdesemstarter het beste een combinatie van volkoren roggemeel en volkoren speltmeel gebruiken of een starter volledig op basis van roggemeel, en gebruik het liefst biologisch meel. Een starter die rogge bevat activeert makkelijker en sneller vanwege de aanwezige voedingsstoffen. Als je alleen volkoren(spelt)meel gebruikt dan krijg je ook een goed werkende starter, het duurt alleen langer. Bloem behoort ook tot de mogelijkheden, maar hiervoor moet je nog meer geduld hebben. Doe jezelf (en je geduld) dus een plezier en kies voor roggemeel in je starter.

Wil je geen volkorenbrood maken? Geen probleem, je kunt je starter op basis van volkorenmeel nadat deze actief is geworden gaan voeden met bloem of gewoon je volkoren starter gebruiken voor je brood op basis van bloem.

Voor het zuurdesembrood zelf zijn de mogelijkheden eindeloos wat betreft het gebruik van verschillende meelsoorten. Gewoon (patent)bloem bevat minder eiwitten en zorgt daardoor voor een zachter resultaat. Zelf heb ik Franse bloem T55 gebruikt voor de basis van het deeg, omdat Franse tarwe meer eiwitten bevat en dit ervoor zorgt dat het zuurdesembrood meer volume krijgt en een stevige bite. Dat vind ik erg lekker bij een zuurdesembrood. De bloem heb ik aangevuld met volkoren speltmeel, maar in principe kun je dit ook gewoon vervangen door bloem, ander volkorenmeel of een combinatie ervan.

WELKE SOORT BLOEM OF MEEL GEBRUIK JE VOOR ZUURDESEMBROOD?

 

Zo maak je je eigen zuurdesemstarter én zuurdesembrood!

Recept afdrukken

4.67 van 18 stemmen

Basisrecept zuurdesembrood

Dit is een echt basisrecept voor zuurdesembrood, niet al teveel poespas, maar wel ontzettend lekker.

Ingrediënten

Desem

  • 25 gram actieve zuurdesemstarter
  • 25 gram bloem ik gebruik Franse bloem T55
  • 25 gram volkoren speltmeel
  • 50 gram water lauwwarm (rond de 25 graden)

Deeg

  • 350 gram bloem ik gebruik Franse bloem T55
  • 150 gram volkoren speltmeel
  • 365 ml water
  • 125 gram desem
  • 10 gram zout
  • Olie voor de kom

Instructies

Bereiding

  • Alle voorbereidingen inclusief het rusten en rijzen tussendoor duren ongeveer 10 uur. Daarna ga je het brood pas afbakken. Houd hier rekening mee bij het tijdstip waarop je begint met onderstaand recept. Als ik geen tijd meer had om het brood na de laatste rijs af te bakken, dan heb ik het met rijsmandje en al in de koelkast gezet en de volgende dag afgebakken. Dit werkte voor mij goed, lees hier meer over het laten rijzen van brooddeeg in de koelkast.

Desem

  • Meng 25 gram van je actieve zuurdesemstarter, bloem, volkorenmeel en het water met een spatel door elkaar in een kom. Dek de kom af en laat 4 uur staan bij kamertemperatuur, daarna is je desem klaar om mee te bakken.*

Zuurdesembrood deeg

  • Neem een schone kom en meng hierin 275 ml van het water met je desem. Los alle desem erin op.
  • Voeg bloem en volkorenmeel toe en kneed alles met knijpende bewegingen door elkaar tot al het water opgenomen is.
  • Voeg nu nog 50 ml water geleidelijk toe, maar neem hier de tijd voor. In 5 – 10 minuten kneed je dit er op dezelfde manier doorheen: knijpend, maar zonder dat je het deeg laat scheuren.
  • Is al het water geabsorbeerd? Dan laat je het 15 – 20 minuten rusten, zodat de fermentatie z’n werk kan doen en de glutenstrengen kunnen gaan vormen.
  • Hierna voeg je het zout toe met de helft van het overgebleven water (20 ml) toe, kneed ongeveer 5 minuten door tot het deeg vrij glad aanvoelt en al het water heeft opgenomen. Herhaal nogmaals met de resterende 20 ml water.
  • Vet een kom in met de olie en leg het deeg hierin. Dek het af en laat 30 minuten rusten bij kamertemperatuur.
  • Pak de kom er weer bij en laat het deeg in de kom zitten. Maak je handen nat en pak het deeg steeds vanaf een andere kant op waarna je het over het deeg zelf heen naar het midden vouwt. Herhaal dit vanaf alle kanten en let op dat het deeg niet scheurt. Dek vervolgens weer af en laat opnieuw 30 minuten rusten bij kamertemperatuur. Dit wordt ook wel de ‘stretch & fold’ techniek genoemd.
  • Herhaal het bovenstaande proces. Dek hierna opnieuw af en laat 4 uur rusten en rijzen bij kamertemperatuur.
  • Je gaat het deeg nu vormen tot een grote bol, voor een mooi rond brood. Bestuif je werkblad met bloem en leg het deeg erop. Klop erop tot het plat is. Verwarm ondertussen de oven voor op 250 °C (boven- en onderwarmte) en zet de broodbakpan in de oven. Deze heeft zeker 30 minuten nodig om op dezelfde temperatuur te komen als de oven.
  • Terug naar je deeg. Neem twee hoeken die tegenover elkaar liggen en vouw ze naar het midden. Doe hetzelfde met de andere twee hoeken en blijf dit herhalen totdat er geen hoeken meer zijn, maar een ronde bol deeg. Draai het deeg om en gebruik je handpalmen om in een zachtjes ronddraaiende beweging het deeg net iets strakker te laten aanspannen, maar let op dat het deeg niet scheurt.
  • Leg het deeg in een rijsmandje en laat minimaal 30 minuten rusten.
  • Haal je brood uit het rijsmandje, borstel eventueel een teveel aan bloem eraf en breng een snede aan in de lengte (zeker 0,5 cm diep).
  • Gebruik goede ovenwanten en haal de broodbakpan uit de oven, strooi er wat bloem op, leg het deeg erin, doe de deksel erop en zet zo snel mogelijk weer terug in de voorverwarmde oven. Doordat je pan al heet is zal je brood extra snel rijzen. Na 25 minuten haal je de deksel van de pan, laat je brood nu nog 20 minuten in de oven doorbakken.
  • Haal de pan uit de oven en laat het brood een uur afkoelen, daarna (of als het brood volledig is afgekoeld) is het tijd om het brood aan te snijden.

Dit is een samenwerking met Baktotaal.

Waarom barsten cupcakes open in de oven

Het bakken van cupcakes is ontzettend makkelijk, maar net zoals bij het bakken van een vanille cake kunnen je cupcakes tijdens het bakken openbarsten. Waarschijnlijk was dat niet je bedoeling en gelukkig is het ook simpel om te voorkomen. Ik leg het je in dit artikel allemaal uit.

Help, waarom barsten mijn cupcakes open?

Cupcakes barsten of scheuren tijdens het bakken wel eens open, maar dat is niet handig als je ze graag wilt decoreren met fondant of marsepein. Dan wil je natuurlijk een zo glad mogelijk oppervlak om op te werken.

De reden dat cupcakes tijdens het bakken openbarsten is eenvoudig. Dat komt door de temperatuur van de oven, deze staat dan te hoog. De bovenkant is al gaar en gebakken terwijl de cupcake van binnen nog niet gaar is en zelfs nog moet rijzen. Het beslag zal vervolgens dus de hoogte in gaan tijdens en rijzen en door die kracht van het beslag dat naar boven stuwt, scheurt het al gebakken laagje aan de bovenkant van de cupcake open. Het moet ergens heen en dit is de enige kant waar het heen kan. Met als resultaat: een opengescheurde cupcake.

Zo voorkom je dat je cupcakes openbarsten tijdens het bakken

Om dit te voorkomen zul je een beetje moeten spelen met de temperatuur van je oven. Als je de oven op een lagere temperatuur zet, gaart de cupcake gelijkmatiger en zal de bovenkant niet scheuren. Het is per oven vaak even uitzoeken wat nu de beste temperatuur is om cupcakes te bakken, daar zul je dus even mee moeten oefenen.

cupcakes 1

Kan ik mijn opengebarsten cupcakes decoreren?

Ja, dit kan! Dus duik vooral niet de keuken in om weer een nieuwe serie cupcakes te bakken als de eerste lading opengebarsten is. Dat is gelukkig niet nodig. Met een mes snij je simpelweg de bovenkant van de cupcakes af zodat deze mooi glad is. Zo heb je een mooie basis om te decoreren met fondant of marsepein.

Een fijn basisrecept voor cupcakes zijn deze vanille cupcakes. Dankzij de tips en aangegeven temperatuur in het recept mislukken deze bij mij nooit. Ze blijven mooi glad van boven en barsten niet open.

Hou jij er wel van om cupcakes te decoreren en om te toveren tot ware kunstwerkjes? Lees hier dan mijn how-to cupcakes bekleden of kijk eens tussen deze recepten:

hamburger cupcakes 2a

bakplanning maken

Gezien de hoeveelheid foto’s en reacties die ik krijg van jullie op Laura’s Bakery hebben jullie het bakvirus volgens mij goed te pakken. Er zitten zelfs een paar enthousiastelingen tussen die soms een flinke hoeveelheid baksels tegelijk maken. Voor een verjaardag of een lekkere High Tea bijvoorbeeld. Soms hoor ik ook iemand die een grote opdracht heeft aangenomen. Kortom: genoeg redenen om in korte tijd veel baksels te maken. Wat in zo’n geval heel belangrijk is het maken van een bakplanning, en zoals ik de vragen zie is dat iets wat veel mensen lastig vinden. Voor mijn bakdagen maak ik zelf altijd een planning om niet in tijdnood te raken. Het volgende wat dan belangrijk is, is je aan die planning houden. Nu ben ik daar zelf niet altijd even goed in, maar dat ligt meer aan mijzelf dan aan die planning. Tenzij er krappe deadline achter zit, dan ben ik vaak nog sneller dan mijn planning. Omdat ik vaak vragen krijg over hoe je het nu eigenlijk moet aanpakken als je veel wilt bakken leek het mij wel handig om jullie te vertellen hoe ik mijn bakplanning maak. Zo zorg je ervoor dat alles op tijd af is.

bakplanning maken

Wat ga je maken en hoeveel tijd kost dat?

Als eerst bedenk je je wat je allemaal wilt maken. Zet gewoon alle recepten op een rij. Zo heb je al een goed overzicht en een begin van je planning. Bestaat een recept uit meerdere onderdelen, schrijf dit dan ook op. Bijvoorbeeld het biscuit los, maar ook de vulling die je ervoor wilt gebruiken.

Volgende dat je bepaalt is hoeveel tijd je nodig hebt per onderdeel. Lees alle recepten goed door en maak een schatting van de benodigde tijd. Je kunt dit beter te ruim inschatten dan te krap. Schrijf voor elk (onderdeel van het) recept op hoeveel tijd er nodig is voor de volgende onderdelen:

  • voorbereiding
  • oventijd (en welke temperatuur) of hoelang moet het opstijven in de koelkast, tijd in vriezer
  • Eventueel vullen/decoreren/etc van het baksel, houd rekening met het afkoelen

Voor mij is het niet in te schatten hoe lang iemand met een recept bezig is. Daarom staat er ook nooit een bereidingstijd bij mijn recepten. Ik heb zelf een cake met zo’n 10 minuten in de oven staan, maar het kan heel goed zijn dat het bij jou wel 20 minuten duurt. Staar je dus niet blind op de bereidingstijd bij recepten. Hoe vaker je bakt, hoe sneller het gaat.

Hoeveel tijd heb je

Je hebt bepaalt hoeveel tijd alles kost, bekijk ook goed hoeveel tijd je hebt. Moet alles in één dag gemaakt worden, of misschien heb je er wel twee of drie. Kijk ook of je ’s avonds al dingen kunt doen. Zelf doe ik namelijk regelmatig ’s avonds al voorbereidingen voor een bakdag.

EEN BAKPLANNING MAKEN
1

Kun je baksels voorbereiden of bewaren

Goed, nu je een overzicht hebt van alles wat je wilt maken en hoeveel tijd daar voor nodig is, is het tijd om te kijken wat je kunt voorbereiden. Het meest handig hiervoor is in je lijst zetten hoelang elk baksel/onderdeel te bewaren is. Het heeft geen zin om te beginnen met de dingen die je het minst lang kunt bewaren.

Ik noemde het net al even; een avond van tevoren kun je al prima voorbereidingen treffen. Zo maakte ik laatst rondo’s waarvoor ik het deeg ’s avonds al had gemaakt. ’s Ochtends haalde ik dat als eerste uit de koelkast zodat het op temperatuur kon komen. In die tussentijd kon ik mooi aan weer wat andere baksels werken

invriezen

Heb je echt maar weinig tijd voor veel baksels om het allemaal vers te kunnen serveren? Bedenk dan dat je ook prima baksels en onderdelen kunt invriezen. Een biscuit kun je ook al 1-2 weken eerder maken en invriezen tot je het nodig hebt. Mocht je dit doen, houd dan ook rekening met het ontdooien. Het verschilt per baksel hoe lang dit duurt, maar houd rekening met een paar uur. Dan zit je zeker goed.

EEN BAKPLANNING MAKEN
2

Planning maken

Nu je weet wat je wilt maken, hoeveel tijd dat kost en hoeveel tijd je hebt is het de hoogste tijd voor het maken van de planning. Bij het plannen is het belangrijk dat je zo min mogelijk ‘wachttijd’ hebt. Zo noem ik de tijd dat de oven vol zit en ik een wachtrij aan baksels heb die nog de oven in moeten en je even niets kunt doen. Of dat je moet wachten tot een deeg is gerezen en je geen andere baksels hebt om mee verder te gaan. Ik zal je wat tips geven voor het maken van deze planning, de dingen waar ik zelf altijd rekening mee houd.

Houd rekening met de oventijd en temperatuur van baksels. Een cheesecake die in een oven moet afkoelen maak je als laatst. Probeer met meringues die je (lang) op een lage temperatuur bakt te beginnen of te eindigen. Maar weet ook dat je alweer aan een nieuw baksel kunt beginnen terwijl er eentje in de oven staat. Alles om die wachttijd zoveel mogelijk te voorkomen.

Stel dat je koekjes maakt en een cake; het deeg voor de koekjes kun je al eerder voorbereiden. Terwijl die dan in de oven staan maak je het cakebeslag. Koekjes eruit en hup, de cake er gelijk in. Het is handig om het bakken zoveel mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. Bereid je het deeg niet voor? Maak dan eerst het koekdeeg, in de tijd dat het deeg koelt in de koelkast, kun jij de cake maken en terwijl die in de oven staat heb je alweer tijd voor het maken van een vulling bijvoorbeeld en uiteindelijk de koekjes af te maken. Als de cake dan uit de oven komt, schuif je de koekjes erin.

Zet ook de meest onbenullige dingen op je lijst. Als je druk bezig bent, komt het voor dat je kleine dingen vergeet. Zo zie je in onderstaand voorbeeld zelfs staan dat ik deeg uit de koelkast moet halen en fruit wil laten uitlekken. Ik weet van mijzelf dat ik dit soort dingen nog wel eens vergeet in alle drukte, dus daarom schrijf ik ook dat op.

EEN BAKPLANNING MAKEN
3

Voorbeeld

Ik hoop dat het niet al te verwarrend klinkt omdat er best veel dingen door elkaar gedaan kunnen worden. Mijn planning bestaat dan ook meestal uit onderdelen. Dat vind ik zelf prettig werken en zo ben ik het meest productief. Een planning bij mij zag er laatst ongeveer zo uit:

  • deeg rondo’s uit koelkast
  • deeg vlaai maken + laten rijzen
  • uitlekken blikfruit
  • rondo’s maken
  • vlaai afmaken
  • cheesecake bakken
  • panna cotta maken
  • ijsjes maken

Ik maakte op deze dag 5 recepten, niet extreem veel voor mijn doen op een bakdag. Ik was hier ongeveer van 10:30 uur tot 16:00 uur mee bezig, 5,5 uur dus. Op het programma stond een cheesecake, vlaai, rondo’s, panna cotta en ijsjes. Het deeg voor de rondo’s had ik al voorbereid de avond van tevoren en haalde ik ’s ochtends gelijk uit de koelkast zodat het op temperatuur kon komen om makkelijk uit te rollen. Daarna maakte ik het deeg voor mijn vlaai, dat moest een uur rijzen en in die tussentijd kon ik de vulling voorbereiden en de rondo’s maken. Op het moment dat de rondo’s in de oven staan, was het deeg voor de vlaai goed gerezen en kon ik die afmaken.

Met een vlaai in de oven ging ik aan de slag voor de cheesecake. Dit was namelijk het laatste baksel wat in de oven moest deze dag. De vlaai was al uit de oven voordat mijn cheesecake klaar was, maar dat is niet erg want de oven moest toch een beetje afkoelen voor mijn laatste baksel. En toen die cheesecake eenmaal in de oven stond maakte ik de panna cotta en de ijsjes. Die moesten in de koelkast en vriezer.

EEN BAKPLANNING MAKEN
4

Zorg dat je alles in huis hebt

Ook onderdeel van de planning: de boodschappen. Aan de hand van alle recepten kijk ik wat ik wel/niet in huis heb en maak hiervoor een boodschappenlijst. Op volle bakdagen wil ik niet op de dag zelf nog naar de supermarkt, dus ik zorg dat ik alles een dag eerder al in huis heb gehaald. En controleer het goed, je wilt niet tussendoor tot de conclusie komen dat je een cruciaal ingrediënt bent vergeten.

Je bakdag

Heb je je bakdag van voor tot achter gepland? Goedzo! De dag van tevoren zijn er ook al wat dingen die je kunt doen. Zo haal ik mijn boter er ’s avonds vast uit. Dan is hij ’s ochtends op kamertemperatuur en kan ik gelijk aan de slag. Ook zou je vast je ingrediënten en bakvormen klaar kunnen zetten. Dan heb je alles bij de hand. Ik heb in mijn keuken vrijwel alles binnen handbereik en dat werkt erg prettig. En van tevoren ruim ik de keuken ook altijd op. Ik zorg zelfs dat de vaatwasser zo goed als leeg is, dan kan daar alle vaat gelijk in. Als de keuken een chaos is, wordt het langzaam maar zeker ook een chaos in mijn hoofd. Dus die probeer ik zo opgeruimd mogelijk te houden (zowel mijn hoofd als de keuken ;P ).

Heb je toch wachttijd? Besteed die dan nuttig. Ruim de keuken op of weeg vast ingrediënten af voor je volgende baksel. Wat ik zelf ook regelmatig doe is even lunchen, want daar denk ik meestal pas aan als ik even niets te doen heb. Het is niet altijd te voorkomen dat je geen wachttijd hebt, maar het is wel fijn om dit zoveel mogelijk te beperken.

En het belangrijkst op een bakdag: zorg dat je er plezier in houdt! Het moet natuurlijk wel leuk blijven 😉

Hoe doe jij het meestal als je veel moet bakken in korte tijd? Werk je ook met een planning of ga je meer op gevoel af? Ik hoop dat jullie wat hebben aan mijn tips!