Je dromen hardop uitspreken om ze waar te maken: in dit geval werkte het echt. Ik had de stille droom al langer en nadat ik het met mijn team over eigen bakproducten had gehad begon het te rollen. Niet veel later werd ik benaderd met de vraag of ik een eigen lijn met Laura’s Bakery bakproducten wilde maken. Dat is inmiddels alweer ruim een jaar geleden en in de tussentijd is veel gebeurd!

Nu is het zo ver: de eerste echte Laura’s Bakery bakproducten liggen bijna bij Kruidvat in de winkel: op dinsdag 4 mei om precies te zijn! Deze samenwerking heeft geresulteerd in 5 prachtige producten van goede kwaliteit, voor een hele fijne prijs. Ik vertel je er natuurlijk graag meer over!

DE LAURA’S BAKERY BAKPRODUCTEN

Over elk product die je in het schap bij Kruidvat vindt, heb ik goed nagedacht. Van uiterlijk tot kwaliteit, aan alles is gedacht. De lijn bestaat uit de volgende 5 bakproducten:

  • Quiche set: vier mini-quiches Ø 10 cm met losse bodem – €3,99
  • Spatelset: 2 siliconen spatels met houten handvat – €2,49
  • Garde set: 2 grijze gardes met houten handvat en een siliconen kwast – €3,99
  • Baktool set voor het vullen en afsmeren van taarten: groot paletmes, klein paletmes en een deegschraper – €4,99
  • Cakevorm 30 cm – € 2,99

Op de verpakking van ieder product vind je een van mijn recepten erbij, zodat je direct aan de slag kunt gaan met je nieuwe spullen.

VOOR ALLE THUISBAKKERS

Of je nog maar net begonnen bent met bakken of het al jaren doet, al deze bakproducten zijn handig om te hebben in je keuken. Al is het niet voor jezelf, dan zijn de producten ook super leuk om cadeau te geven. Is jouw moeder helemaal weg van taarten bakken? Dan kun je uit de Laura’s Bakery bakproducten zeker een leuk cadeautje kiezen voor Moederdag. Maar wees er wel snel bij, want op is op. Ga dus snel naar jouw dichtstbijzijnde Kruidvat filiaal.

Ik ben super benieuwd wat jullie van de eerste Laura’s Bakery bakproducten vinden! En ik hoop snel jullie foto’s voorbij te zien komen van de spullen in jullie keukens.

Deze vegetarische couscous salade maak ik heel erg graag. De salade is niet alleen vegetarisch, maar ook meteen veganistisch. Het heeft wat weg van tabouleh, een Libanese salade met o.a. tomaat, peterselie en munt. Die ingrediënten zijn dus ook de basis voor deze couscous salade, maar je vindt er daarnaast ook lekkere verse olijven en pijnboompitten in terug. Hoe dan ook een rijk gevulde salade, want daar hou ik van!  

couscous salade als bijgerecht of als hoofdgerecht

In combinatie met falafel en wat hummus óf juist met wat baba ganoush en een gekookt eitje is deze vegetairsche couscous salade meteen een volwaardige avondmaaltijd, maar het misstaat ook zeker niet als bijgerecht bij een vegetarische BBQ of op een tafel vol met Midden-Oosterse mezze. 

Vegetarische couscous salade

Deze vegetarische couscous salade is een heerlijk bijgerecht en lijkt in de basis op een tabouleh salade. Ook geschikt voor veganisten!
Porties: 4 personen

Ingrediënten

  • 250 gram couscous
  • 300 ml bouillon
  • 400 gram snoeptomaatjes
  • 200 gram groene knoflook olijven inclusief de olie
  • 4 stengels bosui of lente-ui
  • 1 kleine citroen sap en rasp
  • 50 gram platte peterselie
  • 20 gram munt
  • 100 gram geroosterde pijnboompitten

Instructies

  • Doe de couscous in een grote kom en giet hierover de hete bouillon. Dek af en laat 5-10 minuten staan. Roer los met een vork en laat volledig afkoelen tot je de verdere ingrediënten toevoegt.
  • Snijd de snoeptomaatjes in kleine stukjes en de olijven in kwarten en voeg dit samen met de olie uit het olijvenbakje (max. drie eetlepels) toe aan de couscous. Als je olijven zonder olie gebruikt, voeg dan olijfolie toe.
  • Maak de bosui schoon en snijd het bruikbare gedeelte in ringetjes. Voeg dit samen met het het sap en de rasp van de citroen (alleen het gele deel van de schil gebruiken) toe aan de couscous en meng door elkaar.
  • Snijd tot slot de kruiden fijn en meng door de couscous salade. Proef of je het op smaak vindt en voeg naar smaak nog wat peper & zout toe. Serveer in een schaal en strooi op het laatste moment de geroosterde pijnboompitten er overheen en eventueel nog wat peterselie.

Ik heb een makkelijk, maar ontzettend lekker idee voor jullie! Morgen is het Koningsdag, dus dit is een ideaal last minute project waar je alleen maar chocolade, stroopwafels en toppings naar keuze voor nodig hebt. Hiermee maak je dan zelf heerlijke versierde chocolade stroopwafels! Stroopwafels en chocolade zijn een heerlijke combinatie, en met de toppings maak je er al helemaal een feestje van. Je kunt er zelfs mee koekhappen, is weer eens wat anders dan de standaard ontbijtkoek die met Koningsdag aan een touwtje wordt geregen.

Bak je graag met stroopwafels, dan zijn deze stroopwafel recepten ook wat voor jou:

Versierde chocolade stroopwafels

Op zoek naar een lekker en snel project voor in de keuken? Probeer deze versierde chocolade stroopwafels dan vooral uit en gebruik alle toppings die je lekker vindt.

Ingrediënten

  • 200 gram chocolade (melk, wit of puur)
  • 12 grote stroopwafels
  • 12 kleine stroopwafels
  • Toppings naar keuze (bijvoorbeeld: hazelnoot, karamelblokjes en smarties)

Instructies

  • Smelt 2/3 van de chocolade au Bain-marie. Wanneer dit gesmolten is haal je de kom van de pan en voeg je de rest van de chocolade toe. Roer regelmatig door tot ook dit gesmolten is.
  • Zorg dat je kom voor de chocolade niet te groot is, je wilt er eigenlijk net een grote stroopwafel als 'lepel' doorheen kunnen halen. Je begint met het dippen van de grote stroopwafels.
  • Dip de stroopwafel schuin in de chocolade, het is voldoende om maar 1 kant in de chocolade te dippen namelijk. Als de hoeveelheid chocolade minder wordt, kun je de stroopwafel gebruiken om de chocolade naar de zijkant van het kommetje 'scheppen' zodat je toch nog de helft van de stroopwafel in de chocolade kunt dippen.
  • Leg de gedipte stroopwafel op een vel bakpapier en strooi er gelijk toppings naar keuze overheen.
  • Laat de chocolade stollen, daarna kun je gelijk genieten van jouw versierde stroopwafels met chocolade!

Wie kent ze niet: Brabantse worstenbroodjes. Ikzelf vind ze heerlijk en moest er dan ook mee aan de slag voor deze week met Hollandse baksels. Het recept is gelijk voor 20 broodjes. Vond ikzelf ook wat veel, maar geloof mij dat je ze allemaal wilt maken. Ze zijn zo lekker dat je ervan kunt blijven eten. En nog fijner: de helft ligt nu in mijn vriezer per twee verpakt te wachten op een overheerlijke lunch. Qua tijd maakt het bijna niet uit of je er 10 of 20 zou maken, dus dan kunt je er maar beter gelijk genoeg maken nietwaar? De vulling dan, Brabanders houden hun vulling vaak een beetje flauw van smaak. Zelf voegde ik nog wat mosterd toe voor een beetje meer pit. Experimenteer gerust met nog meer kruiden en specerijen, dat ga ik ook zeker nog eens doen. Maar voor nu wilde ik zo dicht mogelijk bij het origineel blijven, want dat is ook heerlijk namelijk.

Brabantse worstenbroodjes

Wie kent ze niet? Wie iets lekkers uit Brabant moet noemen zal het al snel over Brabantse worstenbroodjes hebben. Ik deel een heerlijk recept met je.
Porties: 20 stuks

Ingrediënten

Deeg

  • 500 gram bloem
  • 250 ml melk handwarm
  • 100 gram ongezouten roomboter
  • 7 gram droge instant gist
  • 9 gram zout
  • 10 gram suiker

Vulling

  • 750 gram half-om-half gehakt
  • 1 ei
  • 75 gram paneermeel
  • 25 gram mosterd
  • peper en zout
  • extra: 1 geklutst ei voor het bestrijken van de broodjes

Instructies

  • Doe alle ingrediënten voor het deeg in een kom en kneed in 10-15 minuten tot een soepel en elastisch deeg.
  • Verdeel het deeg gelijk in 20 stukken. Bol ieder stukje deeg op, dit doe je zo: plaat het deeg op je werkblad en plaats je handpalm hier als een 'kommetje' overheen. Draai stevig rond tot het deeg zich tot een mooi balletje vormt (de onderkant zal niet glad zijn, dat is prima).
  • Laat de deegballetje 30 minuten afgedekt rusten.
  • In de tussentijd doe je de ingrediënten voor de vulling in een kom, kneed deze door elkaar. Maak 20 gelijke worstjes van het gehaktmengsel.
  • Neem een balletje deeg en rol dit uit tot een ovaal plakje, het moet een paar centimeter langer zijn dan het worstje.
  • Leg het worstje op het deeg, vouw de (smalle) uiteinden over het worstje. Vouw vervolgens de (brede) uiteinden om het worstje en rol het geheel over je werkblad om te naden enigzins te dichten.
  • Leg het broodje met de naad naar beneden op een met bakpapier beklede bakplaat. Herhaal dit voor alle worstenbroodjes.
  • Dek de broodjes af en laat ze 60 minuten narijzen. Bestrijk ze met het geklutste ei voordat ze de oven ingaan.
  • Bak de Brabanste worstenbroodjes in 16-18 minuten op 220 °C (boven- en onderwarmte).

Oh heerlijk vind ik het: Fries suikerbrood. Het suikerbrood dat ik hier in de supermarkten (of zelfs bij de bakker) koop vind ik heel vaak tegenvallen. Het is toch net iets te droog of niet helemaal in balans qua smaak, als je het mij vraagt. Misschien komt dit doordat je nu eenmaal alleen suikerbrood in Friesland moet willen kopen, maar het motiveerde mij om zelf aan de slag te gaan met een recept voor suikerbrood! Ik heb het expres geen Fries suikerbrood genoemd, omdat ik niet zou durven beweren dat de receptuur identiek is aan het ‘origineel’. Ik heb namelijk net zo lang getest met dit recept totdat dit brood precies smaakte zoals ik het graag zie: een vleugje kaneel, lekker veel parelsuiker en ook voldoende boter voor een lekker smeuïg brood. 

Zoals je kunt zien op de foto vonden mijn proefpanel en ik het brood zó lekker dat het de foto bijna niet gehaald had. De rest van de stukjes suikerbrood heb ik na het fotograferen meteen ingevroren, zo is het elke keer weer vers als ik een stukje uit de vriezer haal. 

Er staan ook al een paar lekkere recepten online die je met leftovers van dit suikerbrood kunt maken (als er wat overblijft dan, tenminste) zoals deze wentelteefjes spiesen met rood fruit, maar ook deze suikerbroodpudding met lemon curd en frambozen.

TIP: Parelsuiker ligt niet in alle supermarkten, maar bij molens en bij (online) bak- en kookwinkels is het wel verkrijgbaar.

Suikerbrood

Eén van de lekkerste broden die er bestaan: suikerbrood. Deze versie is rijk aan smaak en lekker smeuïg, zoals het hoort vind ik.
Porties: 12 personen

Ingrediënten

Voor het deeg

  • 450 gram tarwebloem
  • 190 ml (half)volle melk lauw
  • 35 gram witte basterdsuiker + extra voor de bodem
  • 35 gram boter
  • 9 gram instant gist
  • 9 gram zout
  • 60 ml gembersiroop
  • 1 ei L, losgeklopt

Verder heb je nodig:

  • 200 gram parelsuiker
  • 1 flinke tl kaneel
  • 25 gram boter gesmolten + extra voor de bodem
  • 1 melk voor afsmeren
  • zonnebloemolie om kom in te vetten

Instructies

  • Doe de ingrediënten voor het deeg in een kom en en kneed met de mixer voor ongeveer 15 minuten (met de hand ongeveer 20 minuten). Doe ondertussen 200 gram parelsuiker, kaneel en 25 gram gesmolten boter in een kom en meng door elkaar. Zet even opzij.
  • Vet een kom in met wat olie en laat het opgebolde deeg hierin een uur rijzen, tot het in volume is verdubbeld. Zorg dat de kom afgedekt is met een droge theedoek en op een warme plek staat.
  • Vet de bakvorm alvast in en beleg met bakpapier. Vet het bakpapier in met een goede laag (gesmolten) boter en strooi er wat fijne basterdsuiker overheen. Als je gek bent van kaneel kun je dit hier ook nog een beetje overheen strooien.
  • Druk het gerezen deeg wat platter en maak er een lap van. Verdeel hier eenderde van het parelsuiker-mengsel overheen. Vouw de lap twee keer dubbel en druk weer een beetje plat. Verdeel de helft van de overgebleven vulling over het deeg en vouw opnieuw twee keer dubbel. Herhaal nog eenmaal tot je vulling op is.
  • Vorm het deeg nu tot een lap waarvan de breedte in de bakvorm past en rol het op. Leg het met de naad naar beneden in de bakvorm en zorg dat er geen stukjes parelsuiker aan de bovenkant naar buiten steken, die zullen verbranden. Dek het brood nu nogmaals af en laat nog een uur rijzen.
  • Strijk de bovenkant van het brood af met wat melk. Bak het brood dan af in 40 minuten op 200 °C (boven- en onderwarmte). Let op dat de bovenkant niet te donker wordt, dek dan af met wat aluminiumfolie.
  • Laat het suikerbrood een beetje afkoelen in de bakvorm en stort vervolgens op een rooster. Laat volledig afkoelen en snijd dan in plakjes!

Ik had nog nooit een Zeeuwse bolus gegeten toen ik de keuken indook om deze lekkernij zelf te maken. Ik vond het eindresultaat fantastisch lekker, maar ik had geen idee of het een beetje leek op het echte werk. Dus vroeg ik mijn buurvrouw als liefhebber van Zeeuwse bolussen om op te treden als kritisch lid van het proefpanel. Haar oordeel: ‘Heerlijk! Iets minder klef dan het origineel, maar de structuur vind ik nu nog lekkerder’. Een oordeel waar ik erg blij mee was! Een dag later liet ik ook Judith en Mariette proeven en die hebben er hun vingers bij af zitten likken, net als hun thuisfront. Ik heb namelijk flink wat bolussen uitgedeeld om te voorkomen dat ik ze zelf niet allemaal op zou eten, zo lekker vind ik ze!

Zeeuwse bolussen

Zeeuwse bolussen zijn heerlijke kleffe gesuikerde broodjes uit Zeeland. Met dit recept maak je ze helemaal zelf.
Porties: 12 stuks

Ingrediënten

  • 500 gram bloem
  • 280 ml melk handwarm
  • 10 gram droge instant gist
  • 1 ei (M)
  • 50 gram ongezouten roomboter
  • 10 gram zout
  • 500 gram donkerbruine basterdsuiker
  • 1,5-2 el kaneel

Instructies

  • Voeg in een kom bloem, melk, gist, ei, boter en zout samen. Kneed in ongeveer 10 minuten tot een soepel deeg. Dit deeg hoort wat plakkerig te zijn, dus dat zit helemaal goed.
  • Laat het deeg afgedekt op een warme plek 1 uur rijzen tot het deeg in volume is verdubbeld.
  • Roer ondertussen ook vast de basterdsuiker en kaneel (naar smaak) door elkaar en verspreid het over een bakplaat.
  • Stort het deeg op je werkblad en druk de lucht eruit. Verdeel het in 12 gelijke delen.
  • Vorm de stukjes deeg tot balletjes, rol ze door de suiker en laat 15 minuten rusten.
  • Rol de balletjes deeg in de suiker uit tot een sliert van zo'n 35 cm. Rol op tot een spiraal, begin in het midden. Stop het uiteinde van de sliert onder het broodje. Leg de bolussen met voldoende tussenruimte op een bakplaat.
  • Laat de bolussen afgedekt 1 uur rijzen.
  • Bak de bolussen in 7-9 minuten op 250 °C (boven- en onderwarmte). Houd ze goed in de gaten, want het kan ineens snel gaan en je wilt niet dat ze te lang bakken en droog worden.
  • Na het bakken leg je de bolussen gelijk omgekeerd op een andere plaat of een bord. Laat ze hier afkoelen. Keer de hele plaat om of gebruik een spatel om te per stuk te verplaatsen en om te keren. Doe dit niet met je handen, de suiker is loeiheet.

Toen we een tijd geleden een soezen bakdag op het programma hadden staan moest er natuurlijk ook een Bossche bol worden gemaakt. Even heel kort door de bocht: dat is een grote soes, gevuld met slagroom en voorzien van een laagje chocoladeglazuur. Verwar de Bossche bol vooral niet met een chocoladebol (voorheen moorkop, lees hier waarom die niet meer zo heet) want naast dat die vaak een slagje kleiner is, heeft een chocoladebol ook een toefje slagroom bovenop, iets wat je bij een echte Bossche bol niet zult zien. Dat is natuurlijk niet het enige verschil, maar wel waar je een Bossche bol het snelst aan herkent.

Wil je nog meer soezen maken, probeer dan eens deze recepten:

Bossche bol

Maak zelf deze heerlijke Bossche bol met ons basisrecept voor soesjes, slagroom en een overheerlijk chocoladeglazuur.

Ingrediënten

chocoladeglazuur

  • 200 gram fijne kristalsuiker
  • 150 ml water
  • 15 gram cacaopoeder
  • 275 gram pure chocolade

Instructies

  • Bereid het soezendeeg volgens recept.
  • Doe het deeg in een spuitzak met gladde ronde spuitmond. Spuit grote soezen met een doorsnede van ongeveer 10 cm op een met bakpapier beklede bakplaat. Zorg voor meer dan genoeg tussenruimte op de bakplaat. Ik verdeelde het over twee platen.
  • Bak de soezen in 25-30 minuten op 200 °C (boven- en onderwarmte).
  • Wanneer de soezen volledig zijn afgekoeld, klop je de slagroom met de vanillesuiker stijf. Vul een spuitzak met een klein rond spuitmondje met de room.
  • Vul de Bossche bollen via een kleine opening aan de onderkant met de slagroom. Je kunt dit gaatje prikken met de spuitmond, maar je kunt ook met een mesje een kleine inkeping maken. Zet de Bossche bollen in de koelkast.
  • Maak nu het chocoladeglazuur. In een pannetje verwarm je suiker, water en cacaopoeder tot de suiker is gesmolten. Blijf regelmatig roeren.
  • Wanneer de suiker is gesmolten haal je de pan van het vuur. Voeg de chocolade toe en roer tot deze volledig is gesmolten.
  • Je kunt nu de Bossche bollen gelijk dippen, zelf vind ik het fijner om het glazuur iets af te laten koelen zodat het wat dikker wordt. Als je gelijk dipt kan het zijn dat ze twee laagjes nodig hebben. Iets afgekoeld zou 1 keer dippen voldoende moeten zijn.
  • Doe de chocolade in een schaaltje voor het dippen. Als je niet meer genoeg glazuur hebt voor de laatste Bossche bollen, kun je het er ook overheen gieten.
  • Zet de Bossche bollen op een bord op plaat en laat het glazuur even stollen. Zet de Bossche bollen daarna in de koelkast tot je ze serveert.

Deze week staat Laura’s Bakery geheel in het teken van Hollands gebak. Terwijl ik de afgelopen periode bezig was met nieuwe recepten voor deze week, kwam ik erachter dat er ook al heel veel leuke typisch Nederlandse recepten online staan. We starten deze nieuwe themaweek dus met een hoop Hollandse lekkernijen van Laura’s Bakery door de jaren heen. Kan jij geen genoeg krijgen van al dit lekkers? Houd dan het blog deze week in de gaten, er komen onwijs lekkere Hollandse recepten online. Super leuk met Koningsdag in aantocht, toch?

Als er iets écht Hollands is, dan is het wel Oma’s appeltaart! Dit recept is verreweg het populairste recept op Laura’s Bakery. Nog zo’n typisch Nederlandse taart is rijstevlaai. Heerlijk met chocoladeschaafsel als topping.

Naast appeltaart en vlaai is boterkoek ook zo’n typisch Hollandse taart. Of eigenlijk: een mix tussen een taart en koek. Inmiddels heb ik zo veel variaties op het basisrecept gemaakt, dat we hier een apart overzicht hebben van alle lekkere boterkoek recepten. En aan welke koeken denk jij als eerste bij écht Hollandse koeken? Bij mij komen gevulde koeken als eerste in me op.

Over koeken gesproken: deze stroopkoeken zijn een van mijn lievelingskoekjes. Ik vind ze zelfs net even wat lekkerder dan stroopwafels. Of wat dacht je van deze Friese dumkes? Die zijn om te smullen. Ben je op zoek naar meer inspiratie voor Hollandse koekjes? Hier vind je een overzicht van nog meer heerlijke Hollandse koekjes.

Wat ik zo leuk vind aan Hollands gebak, is dat het per streek kan verschillen. Zo ook met de arretjescake. In Het Kinderbakboek staat ook een super leuk recept voor kids om confetti arretjescake te maken. Inmiddels staan er meerdere sloffentaarten op het blog, maar de aardbeienslof blijft toch een klassieker.

Er zijn twee recepten die wat mij betreft niet mogen ontbreken in dit overzicht van typisch Hollandse lekkernijen. Dat is het basisrecept voor poffertjes en het basisrecept voor… pannenkoeken! Of je het nu eet bij het ontbijt, lunch, avondeten of gewoon lekker tussendoor: poffertjes en pannenkoeken zijn altijd een goed idee!

Welke recepten voor Hollandse baksels hoop jij dat deze week online komen?

Chocolade fudge is één van de meest makkelijke recepten om te maken, maar toch kreeg ik het voor elkaar dat ik dit recept opnieuw moest maken. En wel om deze reden: ik had de eerste keer niet genoeg kitkatjes gebruikt, vond ik zelf dan. En als je een Kitkat chocolade fudge maakt dan moet deze nu eenmaal wel echt stijf staan van de Kitkat. En heerlijk is het resultaat toch geworden! 

Als je vrolijk wordt van deze Kitkat chocolade fudge, dan vind je deze soorten fudge misschien ook wel wat:

Kitkat chocolade fudge

Ben je dol op chocolade fudge en op Kitkat? Dan is dit recept echt een winnaar voor jou, want deze Kitkat chocolade fudge is ontzettend lekker!
Porties: 40 blokjes fudge

Ingrediënten

  • 1 blikje gecondenseerde melk (397 gram)
  • 340 gram melkchocolade
  • 1 tl vanille extract
  • 2 zakken kleine kitkat's (28 stuks totaal)

Instructies

  • Bekleed als eerst een kleine ovenschaal van ongeveer 20×20 centimeter met bakpapier. Haal ook alvast de papiertjes van de kitkatjes eraf en breek alle setjes doormidden. Beleg de ovenschaal met een laag kitkatjes. De rest hak je in stukjes en zet je even opzij.
  • Doe de gecondenseerde melk, chocolade en vanille extract in een pannetje. Zet deze op een laag vuur en blijf roeren tot de chocolade helemaal is gesmolten.
  • Giet de chocolademassa op de kitkatjes in de ovenschaal en verdeel de overige stukjes Kitkat er overheen.
  • Laat de fudge zo’n 3 uur afkoelen en stollen, dat kan ook (afgedekt) in de koelkast. Daarna kun je de fudge in blokjes snijden.

Zoals je inmiddels misschien wel weet koop ik alleen maar bananen om later iets mee te bakken. De laatste tros bananen die na een week rijp genoeg was om mee aan te bak te gaan waren uiteraard weer bestemd voor bananenbrood. Dit keer besloot ik voor een groot bananenbrood te gaan, in de vorm van een tulband. De hoeveelheden besloot ik te verdubbelen om deze bananenbrood tulband met noten mee te maken. De noten geven het bananenbrood een heerlijke bite. Ik smul nog steeds van de plakjes die in mijn vriezer liggen.

Bananenbrood tulband met noten

Met deze bananenbrood tulband met noten kun je heel wat mensen blij maken. Of geniet er zelf gewoon heel lang van door de plakjes als tussendoortje in de vriezen.
Porties: 24 plakjes

Ingrediënten

  • 6 rijpe bananen ongeveer 700 gram
  • 6 eieren
  • 2 tl vanille-extract
  • 200 gram amandelmeel
  • 300 gram bloem
  • 1 el bakpoeder
  • 1 el baking soda
  • snuf zout
  • 250 gram ongezouten noten (noten naar keuze)

Instructies

  • Pureer de bananen tot een papje. Voeg de eieren, één voor één, samen met het vanille-extract toe.
  • Voeg het amandelmeel, bloem, bakpoeder, baking soda en zout toe. Meng dit door het beslag tot het helemaal is opgenomen.
  • De noten kun je eventueel iets fijner hakken. Voeg ze dan toe aan het beslag en spatel ze erdoorheen.
  • Stort het beslag in een ingevette en met bloem bestoven tulbandvorm. Verdeel het beslag gelijkmatig over de vorm.
  • Bak het bananenbrood in ongeveer 60 minuten op 170°C graden (boven- en onderwarmte) gaar.