Het was de hoogste tijd om weer eens een zandtaart te maken. Ik gebruikte mijn grote ronde vorm van 28 centimeter en bakte hier een brosse koekbodem in. In de tussentijd maakte ik de banketbakkersroom en een dagje later hoefde ik de bodem alleen nog maar te vullen met deze zelfgemaakte room en te decoreren met fruit. Fluitje van een cent dus. Een hele fijne taart om in de zomermaanden te maken. En uiteraard kun je met de topping eindeloos variëren, hetzelfde geldt voor de vulling trouwens. Ik deel voor nu het recept voor een zandtaart met frambozen en perzik voor jullie. In de toekomst volgen vast nog heerlijk variaties. Hoe zou jij jouw ultieme zandtaart vullen en decoreren?

Zandtaart met frambozen en perzik

Deze zandtaart met frambozen en perzik is een perfecte zomerse taart. De brosse bodem in combinatie met de room en het fruit is ontzettend lekker. Hier blijf je van eten!
Porties: 1 taart (28 cm in doorsnede)

Ingrediënten

Instructies

  • Bereid de taart voor door zowel de taartbodem als de banketbakkersroom vooraf te maken. Volg hiervoor de individuele recepten. De bodem bak je 20 minuten met een blindbakvulling op 180 °C (boven- en onderwarmte). Verwijder dan de vulling en zet de taart opnieuw in de oven, bak hem nu nog 10 minuten, ook op 180 °C (boven- en onderwarmte).
  • Als de bodem en de banketbakkersroom zijn afgekoeld, kun je de taart gaan samenstellen.
  • Snijd de perziken in partjes. Vul de bodem met de banketbakkersroom en vorm met de frambozen een buitenste ring. Verdeel hierbinnen de perzikpartjes dakpansgewijs in een cirkel en vul de overgebleven ruimte in het midden op met de rest van de frambozen.

Notities

  • Bewaren: Bewaar de taart 3-4 dagen afgedekt in de koelkast.

Met het maken van alle sauzen, dips en spreads voor mijn nieuwe borrelhapjes boek dat in oktober uitkomt, bedacht ik ook weer allerlei nieuwe recepten. Dus tijdens het maken van ruim 40 recepten in 3 dagen tijd voor het boek, schreef ik ook nog eens nieuwe smaakcombinaties op die ik wilde testen. Deze munt-feta pesto is daar een resultaat van. Ik was even bang dat de munt veel te overheersend zou zijn en een tandpasta effect zou hebben op de pesto. Maar dat was dus absoluut niet het geval. De feta is een perfecte tegenhanger en samen vormen ze een heel goed duo. De bekende pijnboompitjes voor de pesto verving ik bovendien voor pistachenoten, gaat heel goed samen met de andere ingrediënten en vormen een mooi geheel.

Munt-feta pesto

Uit experimenteren met verschillende ingrediënten komen hele lekkere recepten. Zoals deze munt-feta pesto. Heerlijk!
Porties: 1 klein bakje

Ingrediënten

  • 35 gram verse munt
  • 50 gram feta
  • 50 gram ongezouten pistachenoten (geroosterd)
  • 2 teentjes knoflook
  • rasp van 1 citroen
  • 1 el citroensap
  • 75-100 ml olijfolie
  • peper en zout

Instructies

  • Indien de pistachenoten nog niet geroosterd zijn doe je dit zelf in een pan op matig vuur. Haal van het vuur zodra ze beginnen te kleuren.
  • Doe alle ingrediënten, behalve de peper en zout, in een keukenmachine en mix tot een egale massa. Breng op smaak met wat peper en zout.

Notities

  • Tip: Voeg wat meer olijfolie toe als je een dunnere of smeuïgere pesto wilt. Ook lekker als saus door de pasta.
  • Bewaren: In een afgesloten bakje tot één week bewaren in de koelkast.

Let je even niet op, komt er deze maand iedere week een recept met perziken online. Ik had het al eerder over mijn liefde voor perziken, ik gebruik en eet ze regelmatig momenteel. Zo ook voor deze crumble. De toplaag komt jullie misschien nog wel bekend voor, ik gebruikte hem namelijk ook voor de blauwe bessen crumble cake. Zo als laag over warme perziken komt hij wederom weer perfect tot zijn recht. Ik heb dan ook beide bakjes met perzik-pecan crumble die je op de foto ziet staan helemaal opgegeten. Als lunch. Gewoon omdat het kan.

Perzik-pecan crumble

Een lekkere crumble past goed over veel verschillende toetjes. Zo ook over deze perzick-pecan crumble. Heerlijk als toetje, of misschien al lunch?
Porties: 4 personen

Ingrediënten

  • 400 gram perzikpartjes
  • 40 gram ongezouten roomboter
  • 50 gram lichtbruine basterdsuiker
  • 1 tl vanille-extract
  • 50 gram bloem
  • 50 gram havermout
  • snuf zout
  • 40 gram pecannoten (grofgehakt)

Instructies

  • Verdeel de perzikpartjes over 4 ovenschaaltjes.
  • De rest van de ingrediënten doe je in een kom en kneed je met de hand tot een kruimelig mengsel. Verdeel dit mengsel over de schaaltjes.
  • Bak de crumbles in ongeveer 20 minuten op 200 °C (boven- en onderwarmte).
  • Na het bakken laat ik ze zelf enkele minuten afkoelen voordat ik de crumble serveer. Ook heerlijk met een bolletje ijs trouwens!

Notities

  • Bewaren: Het lekkerst om nog warm uit de oven te eten.

De laatste loodjes zijn nu echt aangebroken. Deze week moet ik alle tekst afhebben zodat ik deze samen met de uitgezochte en bewerkte foto’s kan versturen naar mijn uitgever. Met zowel de tekst als de foto’s ben ik nog druk bezig, het is dus maar goed dat ik onder druk altijd goed (en snel) kan presteren. Als ik dan alles heb ingeleverd is het boek nog lang niet klaar natuurlijk, maar er breekt dan wel een moment aan waarop ik even niets meer kan doen en moet wachten tot de redacteur klaar is. In de vorige update vertelde ik vooral over de voorbereidingen en eerste bakdagen. Inmiddels ben ik alweer heel veel verder en is er ook een hoop gebeurd. Lees maar mee!



Ik begin gelijk even met het leukste: de cover is bekend! Voor wie het heeft gemist: in dit artikel laat ik je de definitieve cover zien, deel ik verschillende foto’s die in het boek komen en vertel ik je uitgebreid over de inhoud van het boek. In dat artikel had ik het er ook over dat ik de foto voor de cover zelf heb gemaakt, en dat er twee opties waren. Het leek me een leuk idee om die twee verschillende ideetjes (zonder vormgeving nog) aan je te laten zien. Qua foto was ik zelf vooral liefhebber van degene met het lege bord in het midden. Maar wanneer de tekst in het beeld werd geplaatst, kwam de boodschap met de andere samenstelling zoveel beter over. Daar is de keuze dan ook op gevallen zoals je inmiddels weet. Onwijs blij met het resultaat!

Uiteraard stonden er weer de nodige bakdagen gepland. Ik had vooraf een uitgebreide planning gemaakt, maar in de praktijk gebeurden er wat dingen waardoor het niet lukte om mij aan die planning te houden. De stress nam toe en de zin in het bakken nam daardoor even af. Uiteindelijk zette ik mijn schouders er weer onder en ben ik met de planning en lege papieren aan tafel gaan zitten. Tijd om een nieuwe planning te maken die wel zou lukken. Het was even puzzelen, maar ik ben trots dat ik mij perfect aan die nieuwe planning heb kunnen houden.

De keuken was uiteraard ook weer meermaals een grote chaos. Dat is misschien nog wel waar ik op een gegeven moment het meest klaar mee was. Iedere keer weer die keuken opruimen. En als hij dan netjes was, begon het weer van voor af aan. Ik ben dus blij dat de grote hoeveelheid bakdagen er voorlopig weer op zit, kan ik weer even iets langer genieten van mijn mooie nieuwe keuken.

Wat ook bij die bakdagen hoort: fotograferen! Dit vind ik dus echt heerlijk om te doen. Alles wat is gemaakt zo mooi mogelijk op de foto zetten. Niet altijd even makkelijk, want sommige hartige dingen kunnen heerlijk zijn, maar zien er vaak lang niet zo interessant uit als een laagjestaart. Maar, het is me weer gelukt!

Oktober is misschien nog ver weg, maar er moet wel nu al nagedacht worden over de promotie van het boek. Gelukkig zit ik vol ideetjes en die heb ik laatst al met mijn uitgever doorgesproken. Nu is het tijd om alles langzamerhand verder uit te werken.

Schrijven. Ook dat moet gebeuren. Tijdens het bakken heb ik geen letter getypt voor het boek. Alle recepten schreef ik met pen en papier en allerlei extra teksten vormden zich in mijn hoofd. Na het bakken moest alles er alleen nog uit. Ik heb al heel wat uurtjes achter de computer doorgebracht om al die recepten uit te werken en de extra informatie uit te schrijven. Het is maar goed dat veel al in mijn hoofd zit en dat het er alleen nog maar uit hoeft, anders was dat vast een stuk lastiger geweest.

Al die foto’s die ik tijdens de bakdagen heb gemaakt, moeten uitgezocht worden. Ruim 1000 foto’s heb ik gemaakt. Daar moet ik nu de beste van gaan uitzoeken en die controleer ik dan nog op belichting en werk dat waar nodig bij. Ik doe verder weinig met mijn foto’s. Werk bijvoorbeeld ook niet met filters. Ik schuif eigenlijk vrijwel alleen maar aan de knoppen van de belichting. Nadat ik tevreden ben snijd ik de foto uit op het goede formaat en dan sla ik hem op. De mapjes op mijn computer worden steeds wat voller. Op deze foto zie je trouwens alle sauzen, dips en spreads die in het boek komen te staan.

Vorige week had ik een afspraak bij de vormgever. Dus ik ging op pad naar Amsterdam, haar kantoor zit tegenover deze mooie molen. Heerlijk Hollands plaatje zo met dat fietsenrek ervoor haha. Straks hebben we natuurlijk de teksten en de foto’s, maar dat is nog geen boek. Daar komt de vormgever in beeld. Die gaat ervoor zorgen dat alles een geheel wordt. Zoals altijd ga ik als ik bijna alles af heb al een keertje met de uitgever naar de vormgever toe. Dan bespreken we hoe ik het boek graag zou willen zien. Vervolgens gaan zij aan de slag met een opzetje en na wat schaven hier en daar hebben we qua stijl en vormgeving dan een goed idee van hoe het boek eruit moet komen te zien. Ik vind dit zelf altijd een heel leuk moment, want dit is echt wanneer het boek meer vorm begint te krijgen.

Tot zover weer deze boekupdate! Ik ga deze week nog even heel hard aan het werk om alles te schrijven en alle foto’s klaar te hebben. Wanneer we weer een stuk verder zijn in het proces deel ik weer een volgende update met jullie. In de tussentijd deel ik ook vaak al updates via mijn Instagram kanaal, op mijn profiel heb ik een hoogtepunt aangemaakt waar ik alle updates bij elkaar verzamel.

En dan als laatst, voor iedereen die niet kan wachten en het boek zo snel mogelijk in huis wil hebben: het is nu te reserveren!

Ik zal heel eerlijk bekennen dat ik eigenlijk nooit zo’n fan ben van pizza’s met heel veel vlees, zeker niet als er zelfs geen tomatensaus meer op zit. Een barbecue pizza begreep ik gewoon nooit. Totdat ik hem zelf maakte dan, wat een wereld van verschil in vergelijking tot de bestelde pizza’s zeg. Omdat je zelf de hoeveelheden en verhoudingen bepaalt kun je de smaken zoveel beter en subtieler maken. Natuurlijk is de rokerige barbecue smaak nog goed te proeven, maar er zit niet zoveel saus op dat je geen knapperige bodem meer hebt. Het vlees voor deze bbq pulled pork pizza bereidden we trouwens niet van begin tot eind zelf. We maakten het onszelf gemakkelijk met een stuk vlees uit de winkel wat we alleen nog maar hoefden af te bakken. Ben jij een groot barbecue fan (of heb je een slowcooker) dan kun je natuurlijk ook zelf een stuk procureur kopen om zelf pulled pork te maken. Probeer in ieder geval zeker deze pizza eens uit, je zult ervan smullen.

Bbq pulled pork pizza

Zelfgemaakte pizza is een stuk lekkerder dan afhaalpizza en ook nog eens leuk om te maken. Deze bbq pulled pork pizza is er zeker een om uit te proberen!
Porties: 2 pizza's

Ingrediënten

  • 2 pizzabodems (volgens het basisrecept)
  • 300 gram pulled pork (kant-en-klaar of zelfgemaakt)
  • 10 el barbecuesaus
  • 1/2 rode ui (gesnipperd)
  • handje cheddar (geraspt)
  • verse peterselie (fijn gehakt)

Instructies

  • Maak de bodems voor twee pizza’s volgens recept. Zorg ervoor dat je pulled pork ook bereid is en klaar ligt.
  • Verdeel het pizzadeeg in tweeën en rol beide dun uit. Plaats op een met bakpapier beklede bakplaat of pizzasteen. Verdeel over elke pizzabodem 5 eetlepels barbecuesaus.
  • Verdeel nu de pulled pork, het gesnipperde uitje en de kaas over de bodems met barbecuesaus.
  • Bak de pizza’s gaar en goudbruin in een voorverwarmde oven van 200 °C (boven- en onderwarmte) voor 14-16 minuten.
  • Eenmaal uit de oven verdeel je nog wat fijn gehakte peterselie over de pizza. Serveer direct.

Notities

Bewaren: Eenmaal afgekoeld bewaar je de pizza voor 1-2 dagen in de koelkast.

In de maand dat iedereen druk bezig is met het maken van vlaaien voor De Bakstrijd kunnen wij natuurlijk niet achterblijven. Eigenlijk wilde ik een appel-kruimelvlaai maken, maar omdat ik ook graag een raster wilde maken viel deze toch af. Dat recept volgt op een later moment nog wel, want hij staat hoog op mijn baklijst. Voor nu werd het een appelvlaai met raster. Afgelopen dinsdag kon je al lezen over het maken van zo’n raster, nu het recept voor de gehele vlaai. Fijne tip ook nog: gebruik bij een vochtige taartvulling custardpoeder. Dat neemt vocht goed op en is bovendien ook nog eens hartstikke lekker. Alsof je een beetje banketbakkersroom door de vulling hebt geschept. Ik gebruik het met regelmaat in taarten en het werkt iedere keer weer hartstikke goed.

Appelvlaai

Met dit recept maak je de lekkerste appelvlaai thuis in je eigen oven. Lekker makkelijk en heerlijk bij een kopje thee of koffie!
Porties: 25 cm in doorsnede

Ingrediënten

  • 300 gram bloem
  • 7 gram grode gist
  • 4 tl fijne kristalsuiker
  • snuf zout
  • 45 gram ongezouten roomboter (gesmolten)
  • 70 gram ei (M)
  • 100 ml melk (lauwwarm)

Voor de appelvulling

  • 800 gram appels
  • 3 el custardpoeder
  • 3 el fijne kristalsuiker
  • 0,5 tl kaneel

Instructies

  • Bereid het vlaaideeg volgens dit basisrecept. Met de hoeveelheid van dit recept (zie bovenstaande ingrediënten) heb je 2/3 van het deeg nodig voor de bodem en 1/3 voor het raster.
  • Rol het deeg voor de bodem uit en bekleed de vlaaivorm met het deeg. Je hoeft de vorm niet in te vetten of te bekleden met bakpapier. Snijd het overtollige deeg dat over de randjes hangt weg en prik met een vork gaatjes in de bodem.
  • Voor de vulling schil je de appels en snijd je deze in kleine stukjes. Doe ze samen met 2 eetlepels van de custardpoeder, de suiker en het kaneel in een kom. Roer door.
  • Strooi één eetlepel custardpoeder over de bodem en verdeel hierover de appelvulling. Met het overige deel van het deeg maak je het vlaairaster. Klik hier om te lezen hoe je dit doet.
  • Bak de vlaai in 20-25 minuten goudbruin in een voorverwarmde oven van 190 °C (boven- en onderwarmte). Laat de vlaai afkoelen.

Notities

  • Tip: Wil je een wat vochtigere vulling? Verwarm de appeltjes met de suiker en het kaneel dan enkele minuten voor in een pan met een bodempje water. Giet af zodra de appeltjes wat zachter worden. Vang het water op. Maak van het water met 1 à 2 eetlepels custardpoeder een papje en roer dit door de appeltjes. Vervolg het recept.
  • Bewaren: Bewaar de vlaai afgedekt op een droge en koele plek voor 3-4 dagen of vries losse puntjes in om later op te eten. In de vriezer is de vlaai tot 3 maanden houdbaar.

Kun je iets een recept noemen als je slechts 1 ingrediënt nodig hebt? Ik heb even getwijfeld of ik deze kaaskoekjes online moest zetten, maar omdat ik niemand dit lekkere ideetje wil onthouden deel ik hem dan toch. Het is niet meer dan kaas smelten in de oven tot het een knapperig koekje wordt. Het idee van een ovengerecht met kaas als topping waarbij de ‘gemorste’ stukjes kaas op de bakplaat van die knapperige stukjes worden. Ik ben zo’n persoon die die stukjes opsnoept voordat ik aan de maaltijd zelf begin. Je kunt trouwens elke kaassoort gebruiken die je maar wilt. Wij gebruikten Parmezaanse en belegen kaas. Ieder apart, maar je kunt ook kazen mixen als je wilt. Extra kruiden zijn niet nodig trouwens, naast dat de kaas al genoeg smaak heeft is de kans groot dat deze kruiden verbranden (zeg ik uit ervaring), zonde van de kaas. Een heerlijke snack die je bij lekkere trek binnen 10 minuten gemaakt hebt!

Snelle kaaskoekjes

Super makkelijk, razendsnel klaar en onweerstaanbaar lekker: snelle kaaskoekjes. 100% kaas is 100% smullen maar!
Porties: 7 cm in doorsnede

Ingrediënten

  • Parmezaanse kaas (grof) geraspt
  • Oude/belegen kaas geraspt

Instructies

  • Bekleed een bakplaat met bakpapier. Strooi per koekje twee theelepels kaas op het bakpapier en spreid uit tot een rondje van zo’n 7 cm in doorsnede.
  • Bak de kaaskoekjes in een voorverwarmde oven van 200 °C (boven- en onderwarmte). De parmezaanse kaaskoekjes bak je voor 7 minuten. De oude/belegen kaaskoekjes bak je voor 5 minuten.
  • Haal uit de oven om af te koelen. De kaaskoekjes zijn klaar wanneer ze krokant en afgekoeld zijn.

Notities

  • Tip: Per koekje heb je twee theelepels geraspte kaas nodig. Met weinig kaas kun je al veel koekjes maken. Kies zelf hoeveel je er wilt bakken.
  • Bewaren: afgesloten in een trommel of bakje op een droge en koele plek kun je de koekjes enkele dagen bewaren. Let er wel op dat de koekjes minder krokant worden. Om die reden zijn ze vers het lekkerst.

Amandelmeel is best een prijzig ingrediënt, zeker als je van die kleine zakjes in de supermarkt koopt. Als je het online of bij de groothandel weet te vinden, scheelt dat in verhouding een hoop geld. Dus nadat ik op die manier een kilo amandelmeel in huis haalde verwerk ik het weer regelmatig in recepten. Muffins zijn momenteel favoriet. Door de eenvoud van het recept waar niet eens een mixer voor nodig is, maar vooral door de smaak. Met mijn basisrecept bakte ik altijd al heerlijk smeuïge muffins, maar door een deel van het bloem te vervangen door amandelmeel wordt het alleen maar beter. Deze amandel-frambozenmuffins vulde ik ook nog met wat frambozenjam, maakt het nóg beter.

Amandel-frambozenmuffins

Frambozen en amandel zijn samen een hele lekkere combinatie. Het zal je daarom niks verbazen dat deze amandel-frambozenmuffins ongelooflijk lekker smaken!
Porties: 12 stuks

Ingrediënten

  • 120 gram fijne kristalsuiker
  • 200 gram bloem
  • 100 gram amandelmeel
  • 1 tl bakpoeder
  • 1 tl baking soda
  • snuf zout
  • 2 eieren (M)
  • 250 ml melk
  • 120 ml zonnebloemolie
  • 1 tl vanille-extract
  • frambozenjam (1 tl per muffins)
  • amandelschaafsel

Instructies

  • In een kom voeg je suiker, bloem, amandelmeel, bakpoeder, baking soda en zout samen. Roer met een garde even door elkaar.
  • In een tweede kom klop je de eieren, melk, zonnebloemolie en vanille-extract door elkaar. Giet het melkmengsel bij de droge ingrediënten en spatel kort en vlot tot een beslag. Het is niet erg als er nog wat klontjes in zitten.
  • Verdeel het beslag over de muffinvormpjes, ze mogen lekker vol zitten. Schep bovenop elke muffin theelepel frambozenjam en probeer dit voorzichtig een klein beetje te verdelen over het oppervlak. Strooi tot slot rijkelijk amandelschaafsel over de muffins.
  • Bak de amandelmuffins in ongeveer 20 minuten op 200 °C (boven- en onderwarmte).

Notities

  • Bewaren: goed verpakt en buiten de koelkast zo’n 5 dagen houdbaar.

Hebben jullie al vlaaien gemaakt voor De Bakstrijd deze maand? Ikzelf ging vorige maand al aan de slag voor een heerlijke vlaai, dat resultaat zie je komend weekend. Of eigenlijk zie je die nu al, maar het precieze recept deel ik zaterdag! Nu eerst even de focus op de bovenkant van die vlaai, daar zit natuurlijk een raster op. Een raster dat net even anders is dan die bovenop een appeltaart. Hoe je zelf zo’n vlaairaster maakt leg ik je vandaag uit, want het is echt supersimpel. De manier met een roller is natuurlijk al helemaal niet ingewikkeld, maar ook het zelf vlechten is zo gedaan. Kijk maar eens naar de stap voor stap foto’s!

 

Vlaairaster maken

Een vlaairaster maken lijkt misschien lastig. Maar met deze methode wordt het een stukje makkelijker!

Instructies

Zelf vlechten

  • Voor het maken van de latjes rol je het deeg voor de bovenkant uit tot een rechthoek van zo’n 3 mm in dikte. Zorg dat de lengte een paar centimeter langer is dan de doorsnede van de vlaai. Snijd nu latjes van ongeveer 1 tot 1,5 cm in breedte. Wij gebruikten ongeveer 12 latjes, maar hadden er minstens 16 gesneden.
  • Maak de rand van je vlaai met een beetje water nat en begin met vlechten.
  • Begin bovenaan en leg het eerste latje diagonaal rechtsboven. Herhaal dit aan de linkerkant met een tweede latje. Zie de tweede foto hierboven. Plaats het derde latje parallel aan het eerste latje, waarbij je zo’n 1 tot 1,5 cm ruimte tussen de latjes laat. Herhaal dit proces van latjes leggen tot de hele vlaai bedekt is. Zie de foto’s voor een duidelijke stapsgewijze instructie.
  • Verwijder het overtollige deeg door er met een mesje langs de rand te gaan.
  • Smeer alle latjes in met los geklopt ei en bestrooi met kristalsuiker. Bak je vlaai volgens recept.

Een roller gebruiken

  • Je kunt ook een roller gebruiken. Deze koop je bij (online) kookwinkels of bak speciaalzaken.
  • Ook hier rol je het deeg voor de bovenkant uit tot een rechthoek van zo’n 3 mm in dikte. Het deeg moet minstens zo breed zijn als de roller. Rol het patroon erover uit en trek vervolgens het deeg uit elkaar. Het raster heeft zich in een keer gevormd en kun je nu makkelijk over je vlaai verdelen.
  • Zorg ook hier dat je deegrand nat is gemaakt met water en rol het overtollige deeg eraf. Smeer in met los geklopt ei en bestrooi met kristalsuiker voor het bakken.
  • Zo makkelijk kan het zijn. Welke methode gebruik jij het liefst?

Zelf vlechten

 

Zoals wel vaker loop ik weer lekker achter de trends aan. De shakshuka hype was alweer op zijn einde toen ik het voor het eerst at in een lunchtentje. Het heeft daarna nog een paar maanden geduurd voor ik het thuis eens maakte en nu ben ik pas echt overtuigd. Met enige regelmaat draai ik hier thuis een shakshuka in elkaar. Verschillende varianten heb ik inmiddels al geprobeerd, maar deze vegetarische shakshuka met geitenkaas is een blijvertje. Meestal neem ik trouwens twee eieren per persoon, maar omdat ik dit keer wat meer groenten dan anders gebruikte en een groter stuk brood had besloot ik het bij één ei te houden. Doe gerust een tweede ei per persoon in de pan dus als je daar zin in hebt.

Vegetarische shakshuka met geitenkaas

Shakshuka: een gerecht dat je in Zuidwest-Azië en het Middellandse zeegebied tegenkomt. Deze vegetarische shakshuka met geitenkaas is heerlijk!
Porties: 2 personen

Ingrediënten

  • 1 ui (gesnipperd)
  • 1 teen knoflook (geperst)
  • halve courgette
  • 1 rode paprika
  • 1 oranje (of gele) paprika
  • 4 tomaten
  • 50 ml bouillon
  • 1 handje verse peterselie
  • 2 eieren (M)
  • 100 gram geitenkaas
  • peper en zout
  • brood om erbij te serveren

Instructies

  • Doe een scheut olijfolie in een hapjespan en fruit de ui samen met de knoflook aan. Snijd ondertussen de paprika, courgette en tomaten in blokjes en voeg toe. Hak een deel van de peterselie fijn en doe in de pan. Voeg ook de bouillon toe, breng verder op smaak met peper en zout en laat afgedekt op laag vuur voor 5 minuten koken.
  • Maak twee kuiltjes in de shakshuka en breek boven ieder kuiltje een ei. Voeg wat peper en zout toe, verdeel de geitenkaas en dek weer af met een deksel. Laat 10 minuten op laag vuur pruttelen, haal voor de laatste paar minuten de deksel van de pan.
  • Scheur de overige peterselie over het het geheel en serveer met het brood.

Notities

  • Tip: Als je dit recept verdubbelt voor 4 personen en je serveert het liever niet met brood maar met één ei extra per persoon, houd er dan rekening mee dat je 8 eieren gebruikt en je de shakshuka dan beter even kunt verdelen over twee pannen.
  • Bewaren: Eenmaal afgekoeld kun je de shakshuka voor 1-2 dagen bewaren in de koelkast of vries overgebleven porties in. Lekkerste om het zonder het ei te bewaren of in te vriezen.